Aan het woord Coosje Hammink, promovendus Architecture in Health

317920 Coosje Hammink voor doorzichtige balustrade in R26

Coosje Hammink is docent en onderzoeker bij het Lectoraat Architecture in Health van de Academie Built Environment. In 2018 startte zij haar promotie-onderzoek aan de TU Eindhoven. De titel van het onderzoek: Smart Building Interventions to Stimulate Healthy Behaviour for Older Adults with Dementia.

Lector Masi Mohammadi is haar promotor en Nienke Moor, senior researcher bij het Lectoraat Architecture in Health, begeleidt Coosje. In januari 2023 hoopt zij haar ‘Hora est!’ te beleven. 

Coosje verzorgt onderwijs in de minor Smart Healthy Environments. Ze begeleidt daar groepen studenten die aan een ontwerpopdracht werken, of die onderzoek doen naar slimme gebouwen voor kwetsbare doelgroepen. Daarnaast geeft zij gastlessen Onderzoeksvaardigheden voor studenten van de Academie Built Environment en van de minor.

Wat is jouw onderzoeksvraag?

Tot op welke hoogte en op welke wijzen kunnen slimme gebouwinterventies in de leefsituaties van ouderen met dementie gezond gedrag stimuleren in deze doelgroep?

"Het doel is om gedragsveranderingsmechanismen, die in andere doelgroepen al onderzocht zijn, voor mensen met dementie onder de loep te nemen. Daarbij gaat het o.a. om hoe het proces van dementie deze mechanismen beïnvloedt en op welke manier het stimuleren van gedrag bij deze doelgroep kan plaatsvinden, of nóg plaats kan vinden. Het is een exploratief onderzoek, waarbij in Living Labs slimme interventies voor gezond gedrag bij deze doelgroep worden bekeken. Zowel op het effect van deze interventies op het gedrag zelf, als op de wijze waarop ze dit gedrag al dan niet stimuleren."

Hoe kwam je op dit onderwerp?

"Ik werkte al een tijdje bij het Lectoraat Architecture in Health van Masi Mohammadi. Ik heb daar mee mogen schrijven aan een aantal conferentiepublicaties over slimme gebouwen voor kwetsbare doelgroepen. Zo kwam ik steeds meer op het onderwerp gedrag en gezónd gedrag en hoe je dat door middel van de gebouwde omgeving kunt stimuleren. De keuze voor deze doelgroep lag voor de hand, gezien het onderzoek dat al bij het lectoraat werd gedaan en de latere aanvraag voor een Raak MKB-subsidie voor het project ‘de interactieve woonkamer’. Naast mijn onderwijstaken en mijn promotie-onderzoek werk ik ook nu veel mee aan het schrijven van subsidieaanvragen op het thema van ‘slimme gebouwen’."

Met dit onderzoek beogen we specifiek voor deze doelgroep in kaart te brengen op welke manieren gedrag wel of niet gestimuleerd kan worden.

Wat is de maatschappelijke of wetenschappelijke relevantie van jouw onderzoek?

"Genoeg bewegen, sociaal en cognitief actief blijven, gezond eten. Gezond gedrag is een factor in het ontwikkelen van dementie, maar ook voor de manier waarop mensen ermee omgaan. Echter, wanneer je dementie hebt, zijn er veel veranderingen op cognitief, fysiek en sociaal vlak. Hoe deze veranderingen effect hebben op gedragsveranderingsmechanismen is niet bekend. Met dit onderzoek beogen we specifiek voor deze doelgroep in kaart te brengen op welke manieren gedrag wel of niet gestimuleerd kan worden. Dit kan dan bijvoorbeeld gebruikt worden bij het ontwerp van slimme gebouwen."

Welke resultaten verwacht je en wat is de mogelijke impact daarvan?

"De uitkomsten van dit onderzoek zijn relevant voor ontwerpers van -slimme- interventies of gebouwen voor mensen met dementie, waarin onderzocht wordt hoe je mensen met dementie tot actie kunt aanzetten. Door bijvoorbeeld het stimuleren van gezond gedrag, laagdrempelig sociaal contact en fysieke beweging. Om zo apathie en dwalen tegen te gaan."

Wat is de rol van de praktijk in jouw onderzoek?

"Het 1e deel van het onderzoek focuste op het onderzoeken van verschillende theorieën voor gedragsverandering en een state of the art van slimme gebouwen voor mensen met dementie. In de 2e fase is een grote rol weggelegd voor de praktijk. In zogenoemde ‘living labs’ willen we, samen met zorginstellingen, medewerkers en mensen met dementie, kijken naar hoe mensen fysiek en fysiologisch reageren op bepaalde prikkels. Deze prikkels corresponderen weer met de gedragsveranderingsmechanismen, die ik net al noemde." 

Er is nog geen theoretisch model wat het stimuleren van gedrag voor deze doelgroep uitlegt. Daarom is het wetenschappelijk een relevant onderzoek. Op de uitkomsten kunnen zowel de wetenschap als de praktijk voortbouwen.

Wat is de betekenis van jouw onderzoek voor het werkveld en wat betekent het voor het onderwijs van de Academie Built Environment?

"Mijn onderzoek kan waardevolle inzichten geven voor de ontwerppraktijk van gebouwen, of producten. Verder geeft het handvatten voor het stimuleren van gedrag. Studenten van de minor ‘Smart Health Environments’ (SHE) kunnen de uitkomsten van mijn onderzoek gebruiken. Maar ze kunnen ook zelf aan het onderzoek bijdragen, door tijdens de minor in het living lab ‘de empathische woning’ met deze uitkomsten verder aan de slag te gaan." 

Wat maakt jouw onderzoek innovatief of uniek?

"Er is nog geen theoretisch model wat het stimuleren van gedrag voor deze doelgroep uitlegt. Daarom is het wetenschappelijk een relevant onderzoek. Op de uitkomsten kunnen zowel de wetenschap als de praktijk voortbouwen. In de praktijk zie je steeds meer slimme gebouwinterventies, maar de werking van deze interventies -of ze werken en hoe ze werken- blijft onduidelijk. Met dit onderzoek en de theoretische onderbouwing, kunnen deze beter ontworpen en geïmplementeerd worden, maar ook beter geëvalueerd."

Hoe is de verdeling in uren tussen werk en studie? En hoe combineer je dit met je privéleven?

"Werk en studie lopen veel door elkaar heen. Het onderwijs dat ik geef, het onderzoek dat ik doe en de subsidie-aanvragen die ik schrijf gaan allemaal over slimme gebouwen, voor mensen met dementie. Met deze 3 soorten activiteiten zit mijn agenda vaak wel vol. Echte ‘druk’ op het privéleven ontstaat vooral rond deadlines van bijvoorbeeld papers of subsidies. Op andere momenten is juist de flexibiliteit fijn, die ik heb in schema, vakantie en uren. Ik kan zelf het beste moment kiezen om iets te doen."