Project POINT-R

Hoe zorg je ervoor dat zorgtechnologie echt waarde toevoegt in de praktijk

Onderzoeksproject POINT-R - onderzoek naar zorgtechnologie in de praktijk

Voor het aanpakken van problemen in de revalidatiezorg, een steeds grotere zorgvraag en dus meer kosten en een gebrek aan personeel, wordt veel verwacht van de inzet van nieuwe technologie. Hoe staat het daarmee?

In de praktijk valt er echt nog winst te behalen om de toegevoegde waarde van innovatie te optimaliseren. Het medio 2025 gestarte project POINT-R (Professioneel Ontwikkelen en Innoveren met Technologie in de Revalidatiezorg) moet ervoor gaan zorgen dat revalidatieklinieken het ontwikkelen en innoveren met innovaties verbeteren. Onderzoeker Jeffrey van der Ven vertelt over de huidige stand van zaken in het project.

Praktijkgericht onderzoek

Jeffrey behaalde een master Medische Biologie, met als specialisatie Science, Management & Innovation. Hij deed zijn promotieonderzoek bij revalidatiecentrum de Sint Maartenskliniek in Nijmegen. Nu is hij docent-onderzoeker bij het lectoraat Digitale Transformatie in de Revalidatiezorg van de HAN.

“Het project bestaat uit 4 deelprojecten. Als eerste kijken we hoe “innovation-ready” revalidatiecentra zijn, en hoe zij kunnen worden ondersteund bij groei naar innovatievolwassenheid. We werken in dit project met veel partners samen, en voor dit deel is met name het lectoraat Ondersteunde Technologie in de Zorg van Zuyd Hogeschool verantwoordelijk.”

Jeffrey van der Ven, onderzoeker bij de HAN

Ten tweede onderzoeken we hoe revalidatiecentra ondersteund kunnen worden in waardebepaling en besluitvorming over aankoop en opschaling van zorgtechnologie. Zorgorganisaties staan regelmatig voor de keuze om een nieuwe technologie aan te schaffen of verder uit te rollen, maar de informatie om die beslissing goed te onderbouwen is vaak versnipperd of moeilijk te beoordelen. "In dit deelproject stellen we de vraag hoe organisaties bewijs over de meerwaarde van innovaties kunnen vinden, beoordelen en vertalen naar hun eigen context. We kijken naar wat zorgorganisaties nodig hebben in het besluitvormingsproces. We onderzoeken hoe keuzes over aankoop en opschaling gebaseerd kunnen worden op een brede waardebepaling waarin verschillende aspecten van waarde, zoals als werkplezier, kwaliteit van zorg, kosten en toegankelijkheid, meewegen."

Aansluiten bij de doelgroep

Jeffrey is verantwoordelijk voor het 3e deelproject. “Hierin bekijken we hoe zorgverleners ondersteund kunnen worden om mee te innoveren. Daarvoor houden we focusgroepen en interviews met professionals. Denk dan aan fysiotherapeuten, ergotherapeuten, diëtisten, verpleegkundigen en revalidatieartsen. Bij deze professionals willen we weten hoe zij inzicht kunnen krijgen in eigen technologiecompetenties, om deze vervolgens gericht te ontwikkelen.” 

Voor het krijgen van inzicht zijn verschillende modellen ontwikkeld. “Wij bouwen voort op het 5V-model (Vinden, Veilig en vaardig gebruiken, Vertellen, Vertrouwen, Veranderen), vertelt Jeffrey. “We proberen zoveel mogelijk aan te sluiten bij de praktijk en kijken wat de leervoorkeuren van deze doelgroep zijn. Vinden ze het prettig dat e-learning wordt aangeboden in studiemateriaal met veel tekst? Willen ze zelf oefenen in de praktijk? Of kijken ze liever mee met een ander die het voordoet? Als je je materiaal op deze basis samenstelt, sluit je meer aan bij de doelgroep.”

Eerste bevindingen

Voor het gebruik van nieuwe technologie moet je zelfvertrouwen hebben. Het is belangrijk om over de juiste competenties te beschikken. “Ik denk dat daar nog een flinke inhaalslag te maken is. Daarnaast moeten professionals tijd krijgen om te experimenten. Het is daarbij belangrijk dat er iemand in de organisatie de ambassadeursrol heeft. Die persoon kan fungeren als laagdrempelig aanspreekpunt. Dat zijn belangrijke dingen die in het begin van dit project naar voren zijn gekomen. Ook geven professionals aan dat ze overtuigd moeten zijn van de meerwaarde van een innovatie. Dat heeft invloed op hun houding. Een bevinding die aansluit bij het tweede deelproject: beter kunnen aantonen wat de meerwaarde is.”

Samen werken, leren en innoveren

Het 4e onderdeel van het project gaat over samenwerking. “Met het project willen we faciliteren dat de verschillende centra van elkaar leren. Waar lopen ze in de praktijk tegenaan? Hoe pak je deze problemen op en hoe kom je tot verbetering? We willen dit uitbouwen tot iets dat structureel gebruikt gaat worden. Vanuit elk deelproject ontwikkelen we praktische tools en handvatten waarmee organisaties het innoveren met zorgtechnologie gestructureerd kunnen aanpakken, en zo toekomstbestendiger kunnen werken", besluit Jeffrey.

Meer weten over
 

het Lectoraat Digitale Transformatie in de Revalidatiezorg

Het Lectoraat Digitale Transformatie in de Revalidatiezorg richt zich op de vraag hoe technologie betekenisvol kan worden ingezet. We ontwikkelen kennis over hoe technologie meervoudige waarde creëert voor de verschillende stakeholders: betere uitkomsten voor en tevredenheid van revalidanten en hun naasten, verbeterde draagkracht van professionals en verhoogde efficiency en kostenbeheersing voor zorgorganisaties. 

In lijn met het streven van het Integraal Zorgakkoord ligt de focus op een technologisch ondersteunde verschuiving van zorg zo dicht mogelijk bij het dagelijkse leven van revaliderende burgers, ongeacht of het neurologische, orthopedische, oncologische, hart- of postoperatieve revalidatie betreft.

Onderzoekers van het lectoraat Digitale Transformatie in de Revalidatiezorg