Helpende Hand Werk beter samen in de zorg met hulp van persoonlijke zorgtechnologie

294558 familie, man en zoon met verstandelijke beperking - Nico Hoeijmans

In de zorg voor mensen met een ernstige meervoudige beperking is de ervaringskennis van familie, naasten en mantelzorgers goud waard. Zorgprofessionals en hun organisaties zoeken daarom naar manieren om de samenwerking met dit netwerk te vergroten.

Technologie kan daarbij slim ingezet worden. De vraag is: hoe vertaal je de zorgbehoefte van de cliënt naar een passende technologische oplossing?

In het RAAK-publiekproject Helpende Hand wordt die vraag onderzocht. Aanvrager Maurice Magnée is onderzoeker bij het HAN-lectoraat Innovatie in de Care, en oprichter en programmamanager van iXperium Health. Daar worden de effecten onderzocht van nieuwe technologie in zorg en welzijn, in samenwerking met studenten, opleiders en zorgprofessionals.

Waardevolle kennis van naasten

Helpende Hand kent een lang voortraject, vertelt Magnée. “Ik werk veel samen met zowel zorginstellingen als technologieontwikkelaars. Van beide kanten kreeg ik de vraag waarom er zo weinig met de kennis van familie, naasten en mantelzorgers van mensen met een ernstig meervoudige beperking werd gedaan. Zij hebben waardevolle kennis en informatie over de behoeften van de cliënt. Informatie die ze zelf niet goed kunnen verwoorden. Ze zagen daar allebei kansen liggen om de zorg te verbeteren. Die praktijkvraag hebben we omgezet in dit onderzoekproject.”

Beter gepersonaliseerde technologie

Het onderzoeksproject Helpende Hand gaat 1 juni 2021 officieel van start. “We gaan methodes ontwikkelen waardoor zorgprofessionals de kennis van het netwerk kunnen betrekken om zo ondersteunende technologie beter te personaliseren. We ontwikkelen geen nieuwe technologie, maar wel methodes om de communicatie tussen alle betrokken partijen te verbeteren. Dat doen we volgens een designaanpak: een vrij nieuwe aanpak in de zorg die goed past bij dit type innovatieprocessen.”

Samen zoeken naar oplossingen

Als voorbeeld geeft Magnée de methode van co-design. “Daarmee breng je alle betrokkenen rondom een cliënt vanaf het begin bij elkaar: de cliënt, het netwerk, techbedrijven en zorginstellingen. Vanuit die gedeelde kennis zoek je samen naar de ontwerpuitdaging. Vervolgens bedenk en probeer je mogelijke oplossingen. Het is een hele actieve, creatieve en reflectieve methode die in de zorg nog weinig wordt gebruikt, maar die veel deuren kan openen. Cliënten met een ernstige meervoudige beperking kunnen zelf moeilijk verwoorden wat hun wensen zijn.”

portretfoto Maurice Magnée

Allerlei verschillende behoeftes

Door technologie helemaal te personaliseren op de specifieke patiënt komen zijn of haar wensen en behoeften boven tafel. Wat kunnen die behoeften zoal zijn? “Denk dan bijvoorbeeld aan zintuigelijke prikkeling door licht en geluid. Andere cliënten willen weer liever fysiek uitgedaagd worden of juist op een laagdrempelige manier non-verbaal toch sociaal contact maken. Ook kan de technologie een waardevolle rol spelen in het verzorgen van een plezierige en ontspannende of juist stimulerende tijdsbesteding. We gaan met creatieve methoden aan de slag om hun behoeften boven tafel te krijgen.”

Waarom wordt er zo weinig met de kennis van familie, naasten en mantelzorgers van mensen met een ernstig meervoudige beperking gedaan?"

Gezamenlijk leren

Een mooi voorbeeld van een creatieve, technologische methode is De Tovertafel. “Daarmee worden spellen geprojecteerd op een tafel of muur, om bijvoorbeeld sociale interactie te stimuleren. Door gezamenlijk spellen uit te proberen en voortdurend te reflecteren op het proces, prikkel je de cliënt maar ook elkaar. Je leert van elkaar en komt er samen achter wat wel en niet werkt. Dat gezamenlijk leren is zó van belang. Je komt er beter door tot de kern, en betrekt er de mensen voor wie je het doet veel meer bij. Door zorgprofessionals en organisaties vanaf het begin bij co-design te betrekken wordt het voor hen vanzelfsprekender bepaalde veranderingen door te voeren. Dat heeft betere zorg voor de cliënt tot gevolg.”

Helpende Hand-methodiek

Het Helpende Hand-project duurt 2 jaar. Er wordt gewerkt met een relatief klein aantal cliënten en ‘co-creatie-teams’. “We volgen enkele case-studies voor langere tijd. Zo kom je tot betere inzichten. We werken in 3 zorginstellingen waar we 6 cliënten een hele designcyclus laten doorlopen. Zo leren we hen goed kennen, maar ook hun netwerk. Met de kennis die we opdoen, ontwikkelen we de Helpende Hand-methodiek. Uiteindelijk werken we toe naar een maatschappelijke businesscase. Wat kost het bijvoorbeeld om volgens deze nieuwe methode te gaan werken? Moet je dan je zorgorganisatie anders inrichten? Levert het ook echt een toename van levenskwaliteit en betere zorg op?”

The sky is the limit

Over de ideale uitkomst hoeft Magnée niet lang na te denken. “Ik hoop dat we met een goed onderzochte methodiek komen om de zorg en technologie beter te personaliseren. Dat we die kunnen uitbreiden naar de bredere zorgpraktijk. Verder hoop ik dat de co-design aanpak doorwerkt in onderzoek en onderwijs. Al die nieuwe methodieken die we met elkaar bedenken, moeten ook daarin door gaan sijpelen. Persoonlijk vind ik het jammer dat zorgtechnologie momenteel allemaal nog vrij fragmentarisch is. Er zijn prachtige dingen mogelijk, maar die landen nog onvoldoende in de zorginstellingen. Maar ‘the sky is the limit’; als we goed met elkaar gaan samenwerken, komen we echt tot hele mooie dingen.”