Skills Digitale skills paspoort voor vakmensen

Jos Sanders

Een gat van 75 centimeter boren in beton. Dat kan niet iedereen. Een betonboorder ziet deze vaardigheid dus graag ergens vastgelegd. Dat kan binnenkort: in het eerste digitale skills paspoort voor vaklieden. Tenminste, als het aan HAN-lector Jos Sanders ligt.

Samen met collega Claudia Klarenbeek doet lector Leren tijdens de Beroepsloopbaan Jos Sanders onderzoek naar het vastleggen van skills die worden opgedaan tijdens het werk. "De gedachte achter het digitale skills paspoort voor vaklieden is dat ook mensen die het liefst met hun handen leren, kunnen laten zien wat ze in huis hebben," legt Jos uit. "En dat is veel meer dan bijvoorbeeld een mbo-diploma uit 2007, want praktisch geschoolden mogen dan weinig diploma’s hebben… ze barsten van de skills!"

Met skills paspoort portfolio opbouwen

Met het skills paspoort kunnen vaklieden zonder veel extra inspanning een portfolio opbouwen. Zodat ze op elk moment aan een aannemer, projectleider, leidinggevende of werkgever kunnen laten zien: dit heb ik nu in huis. Jos: "Zij moeten met hun skills paspoort veel ‘vrijer kunnen reizen’ op en over de arbeidsmarkt. Want er zijn genoeg werkgevers die behoefte hebben aan hun skills en veel van die skills zijn ook op meerdere plekken en voor meerdere beroepen of sectoren bruikbaar. Maar als werknemers zelf al niet weten wat ze precies in huis hebben, hoe kunnen ze dat dan aanbieden?”

We willen met behulp van de skills paspoorten uiteindelijk ook voor onze eigen regio het actuele aanbod van skills in kaart brengen, zodat we nog beter toekomstgerichter kunnen opleiden. Als slimme regio moet je weten wat je aan skills in huis hebt. Pas dan kun je echt vooruitkomen.

Arbeidsmarkt verandert razendsnel

Het Centraal Plan Bureau (CPB) concludeert uit onderzoek dat 50-plussers die hun baan verliezen niet terug kunnen naar hun oude beroep. Omdat het werk er niet meer is of omdat ze het fysiek niet aan kunnen. Jos: “Ze hebben op het moment van verlies van werk hun eigen skills nauwelijks in beeld en zien daardoor ook niet direct perspectief.” Ook het World Economic Forum wijst erop dat het op de razendsnel veranderende arbeidsmarkt steeds belangrijker is om te weten wat je precies aan skills in huis hebt: Skills are the currency of the labour market. "Alleen zicht op bijvoorbeeld opleidingsniveau is dan echt onvoldoende. Die diploma’s kunnen zomaar 30 jaar geleden zijn behaald. Dat zegt dan natuurlijk erg weinig," benadrukt Jos.

Aanbod van skills in de regio

Ook het regionale arbeidsmarktverkeer is georganiseerd rond diploma’s en beroepen. Jos: "Daarmee laten we waarschijnlijk veel potentieel liggen. Niet voor niets geeft een kwart van alle werknemers aan kennis en vaardigheden in huis te hebben die zij niet gebruiken in hun huidige functie. En dat geldt ook voor schoolverlaters. Hartstikke zonde. Zonder goed zicht op de eigen skills gaan mensen niet op zoek naar andere plekken in de regio om zichzelf nog beter in te zetten." Bovendien," vervolgt Jos, "Zonder goed zicht op actuele skills hebben werkgevers de potentie van de eigen mensen ook niet in beeld, laat staan dat ze echt goed zicht hebben op de tekorten. Ook als het over zorg en onderwijs gaat. We willen met behulp van de skills paspoorten uiteindelijk ook voor onze eigen regio het actuele aanbod van skills in kaart brengen, zodat we nog beter toekomstgerichter kunnen opleiden. Als slimme regio moet je weten wat je aan skills in huis hebt. Pas dan kun je echt vooruitkomen.”

Skills paspoort: eenvoudig én altijd inzetbaar

Maar we hebben toch al het systeem van de Eerder Verworven Competenties (EVC)? Wat voegt dit skills paspoort daaraan toe? "Het skills paspoort bouwt daarop voort," legt Claudia uit. Zij begeleidt bij Volandis al jaren vaklieden met het invullen van eerder verworven competenties in een ePortfolio. Claudia: "Voor vaklieden is dat een flinke klus: ze moeten hun vakmanschap, dat wat ze kunnen met hun handen, digitaal in beeld zien te brengen. Dat gebeurt vaak pas wanneer iemand versleten is en zijn huidige skills moet laten zien voor omscholing, of als een erkenning nodig is voor zijn vakmanschap. Het skills paspoort moet eenvoudiger én altijd inzetbaar zijn. Een EVC 2.0 dus."

Inclusive design: samenwerking met de eindgebruiker

De ontwikkeling van het skills paspoort gebeurt volgens de principes van inclusive design. Dus zoveel mogelijk samen met de eindgebruikers: betonboorders, installateurs en grond-, weg- en waterbouwers. Al in de ontwerpfase zit deze gebruikersgroep bij de onderzoekers aan tafel. Jos: “We zijn bezig een prototype te bouwen dat aansluit bij hun dagelijkse praktijk. Bij de momenten waarop ze verantwoording afleggen. Dit gebeurt steeds vaker digitaal, in werkverslagen of urenbriefjes." De pilot-groep bestaat uit bouwplaatspersoneel van de firma Hoppenbrouwers in Nijmegen. Inclusive design-experts van TNO doen mee aan het ontwerp-project. Jos stelde in eerder onderzoek vast dat praktisch geschoolden minder vertrouwen hebben in hun eigen leervermogen. “Ik wil, als ‘bijvangst’ van het skills paspoort, nu weten of het vastleggen van je kwaliteiten dat vertrouwen vergroot. Of het skills paspoort er ook voor zorgt dat praktisch opgeleiden vaker een opleiding willen gaan volgen om zichzelf verder te ontwikkelen.”

Brede samenwerking met smart partnerships

Jos kreeg van Bouwend Nederland, Techniek Nederland en het Opleidingsfonds voor Technisch Installatiebedrijven (OTIB) de opdracht een prototype van het digitale skills paspoort voor vaklieden te ontwikkelen. Inmiddels zijn er flink wat partners bij gekomen. De HAN werkt inmiddels samen met TNO, Koninklijk Instituut van Ingenieurs (KIVI), opleidingsinstituut voor de bouw Civilion, Paragin, House of Skills, Hogeschool van Amsterdam, JdB groep Hoofddorp, Vis Groep Wateringen, Hoppenbrouwers Installatietechniek Nijmegen en kennis- en adviescentrum voor duurzame inzetbaarheid in de Bouw en Infra Volandis.