Promotieonderzoek naar leefomgeving kinderen
Ik zie, ik zie, wat jij niet ziet

De leefomgeving waar kinderen en jongeren opgroeien is belangrijk voor hun ontwikkeling en hoe ze zich voelen. Het gaat hierbij om de plekken waar kinderen komen, de mensen om hen heen en de online wereld waarvan ze deel uitmaken. Denk bijvoorbeeld aan thuis, school, sportclubs, plekken om af te spreken met vrienden en sociale media. Een fijne en veilige leefomgeving heeft een beschermend karakter voor het opgroeien in de huidige samenleving. Toch is zo’n ondersteunende leefomgeving voor kinderen, jongeren en gezinnen nog niet altijd vanzelfsprekend.
Opvallend is dat onderzoek naar de leefomgeving van kinderen vaak kijkt naar de ervaringen en meningen van professionals, vrijwilligers en ouders. Kinderen zelf worden vooral gezien als doelgroep. De beelden van volwassenen over opgroeien en opvoeden zijn hierin vaak leidend. Om leefomgevingen voor kinderen en gezinnen echt te verbeteren, is onderzoek nodig naar hoe kinderen en jongeren zelf hun leefomgeving zien, hoe zij deze ervaren en hoe zij deze graag zouden willen vormgeven. Dit perspectief van kinderen en jongeren komt nu nog weinig naar voren in onderzoek.
Doel van het onderzoek
In dit promotieonderzoek staat de volgende vraag centraal:
Hoe kan het perspectief van kinderen en jongeren op hun leefomgeving bijdragen aan het versterken van deze leefomgeving waarin zij opgroeien?
We richten ons op kinderen en jongeren van 10 tot 14 jaar. In deze leeftijdsfase kunnen beginnende problemen al ontstaan. Ook maken kinderen in deze periode de overstap van de basisschool naar het voortgezet onderwijs. Deze overgang brengt veel veranderingen met zich mee. Denk aan veranderingen in de omgeving, nieuwe vrienden en veranderingen in hoe kinderen naar zichzelf kijken.

Dit onderzoek geeft nieuwe kennis over hoe kinderen en jongeren hun leefomgeving ervaren. Die kennis kan helpen om betere oplossingen te bedenken voor de ondersteuning van kinderen in hun leefomgeving. Zo kunnen volwassenen, zoals professionals, vrijwilligers en ouders, samen werken aan een veilige, fijne en ondersteunende leefomgeving die past bij de wensen van kinderen en jongeren. Om ervoor te zorgen dat we echt naar kinderen luisteren, laten we ons inspireren door de Ierse professor Lundy.
Ik wil van kinderen zelf weten hoe zij hun leefomgeving ervaren, zij zijn immers expert van hun eigen leven.”
"Kinderen zijn expert van hun eigen leven"
Wie de leefomgeving van kinderen wil verbeteren, moet niet alleen óver hen praten maar mét hen. Daarom betrekt Eva Onstenk kinderen als co-onderzoekers in haar studie naar een ondersteunende leefomgeving. “Door hun ogen zien we wat ze nodig hebben om veilig en gezond te kunnen opgroeien. Kinderen zijn expert van hun eigen leven."

Uitvoering van het onderzoek
Fase 1: Literatuuronderzoek
Binnen dit promotieonderzoek is eerst een literatuuronderzoek (systematic review) gedaan. De centrale vraag was: Wat zegt internationaal onderzoek tussen 2002 en 2025 over hoe kinderen en jongeren van 10 tot 14 jaar hun leefomgeving ervaren?
Uit dit literatuuronderzoek, waarin 31 studies zijn bekeken, blijkt dat kinderen en jongeren duidelijke ideeën hebben over hoe hun leefomgeving eruit zou moeten zien. Ze geven aan dat hun omgeving hen moet steunen en dat het belangrijk is dat ze zich er veilig en verbonden voelen. Er is voor kinderen en jongeren een sterke link tussen een ondersteunende leefomgeving en hun ontwikkeling. Zo’n omgeving heeft volgens kinderen bepaalde voorwaarden, belangrijke onderdelen en een belangrijke rol voor volwassenen.
Een belangrijk punt dat uit het literatuuronderzoek naar voren kwam, is dat de mening van volwassen onderzoekers invloed kan hebben op hoe kinderen en jongeren hun leefomgeving beschrijven. Daarom is het belangrijk dat toekomstig onderzoek nog meer vanuit het perspectief van kinderen gebeurt. Daarbij is het goed om kinderen te zien als actieve deelnemers én als mede-onderzoekers.
Lees het (Engelse) wetenschappelijke artikel hierover in het Child and Adolescent Social Work Journal.
Fase 2: Participatief onderzoek met kinderen uit groep 7 en 8
In de Nijmeegse wijken Oosterhout, Lent en Zwanenveld en de Arnhemse wijk Malburgen hebben we samen met kinderen onderzocht wat zij belangrijk vinden in hun leefomgeving. We luisterden naar hun ervaringen, ideeën en wensen en boden hen de ruimte om hun stem te laten horen en anderen te laten zien hoe zij hun omgeving ervaren. Zo willen we bijdragen aan buurten waarin meer aandacht is voor het perspectief van kinderen en voor wat zij zelf belangrijk vinden.
We gebruikten creatieve werkvormen die aansluiten bij de kinderen. In overleg met hen hebben we bijvoorbeeld foto’s, video’s en podcasts ingezet. Het onderzoek begon met de methode Photovoice. Deze creatieve methode nodigt kinderen uit om hun leefomgeving in beeld te brengen en helpt ons te begrijpen hoe zij de wereld om zich heen ervaren. De foto’s die de kinderen maakten en wilden delen, vormden het startpunt voor gesprekken. Samen bekeken en bespraken we de beelden, analyseerden we wat opviel en trokken we conclusies. Vervolgens bepaalden de kinderen mede hoe we hun inzichten en ideeën konden delen met anderen, zoals familie, vrienden, (gemeente)professionals en vrijwilligers. Zo bereikten hun ervaringen en ideeën een groter publiek en konden we samen nadenken over hoe deze inzichten kunnen bijdragen aan een leefomgeving die beter aansluit bij wat kinderen belangrijk vinden. De vier participatieve onderzoeksprojecten sloten we feestelijk af met ieder een eigen fototentoonstelling in de wijk.
Fase 3: Participatief onderzoek met jongeren uit de eerste en tweede klas van de middelbare school
De komende periode gaan we in verschillende wijken in Nijmegen en Arnhem ook aan de slag met jongeren uit de eerste en tweede klas van de middelbare school. Ook met hen onderzoeken we hoe zij hun leefomgeving ervaren en wat zij daarin belangrijk vinden. Door samen met kinderen en jongeren van verschillende leeftijden en uit verschillende wijken participatief onderzoek te doen, kunnen we hun perspectieven en ervaringen naast elkaar leggen en onderzoeken wat overeenkomt en wat verschilt.
Samenwerking
Dit promotieonderzoek wordt uitgevoerd binnen het Lectoraat Werkzame Factoren in Jeugd- en Opvoedhulp (WFJO) van de HAN, in samenwerking met de Universiteit van Amsterdam (UvA). Het onderzoek sluit aan bij de onderzoeksthema’s van het lectoraat WFJO die zich focussen op samenwerkingsvraagstukken én het perspectief en ervaringen van kinderen, ouders en hun netwerk. Daarnaast wordt het onderzoek uitgevoerd binnen de leerstoel Intergenerationele overdracht van risico- en beschermende factoren in de opvoeding van jeugdigen van de UvA.
Voor het participatieve praktijkonderzoek wordt er samengewerkt met kinder- en jongerenwerkers van de sociaal werk organisaties Bindracht10 in Nijmegen en Rijnstad in Arnhem.
De praktijkprojecten zijn mede mogelijk gemaakt door een gift van Stichting De Beide Weeshuizen en een bijdrage vanuit HAN Fair Health thema Gezonde Leefomgeving en Leefstijl.

