Terugblik symposium: Juridisch doenvermogen in de praktijk

Hoe zorg je ervoor dat mensen gebruik kunnen maken van de mogelijkheden die het recht hen biedt als juridische procedures ingewikkeld zijn?  Die vraag stond centraal tijdens het symposium Juridisch doenvermogen in de praktijk, georganiseerd door het HAN-lectoraat Begrijpelijk en Toegankelijk Recht op 15 oktober 2026. Onderzoekers, ervaringsdeskundigen, gemeenten en professionals gingen met elkaar in gesprek over de mogelijkheden die mensen daadwerkelijk hebben om complexe juridische procedures te doorlopen.
Aftermovie: 

Symposium: Juridisch doenvermogen in de praktijk

Niet iedereen redt zich in juridische procedures

Meer dan twee miljoen mensen zijn afhankelijk van een vorm van ondersteuning of hulp van de overheid. Om die ondersteuning te krijgen, moeten zij vaak ingewikkelde juridische procedures doorlopen. Dat vraagt veel van mensen, bijvoorbeeld op het gebied van kennis, vaardigheden en zelfredzaamheid.

Tijdens het symposium stond het begrip juridisch doenvermogen centraal: de daadwerkelijke mogelijkheden die mensen hebben om hun weg te vinden in juridische procedures. Docent-onderzoeker Bas Kerssies, die op dit thema is gepromoveerd, deelde zijn kennis en ging met de deelnemers in op de vraag hoe mensen beter in staat kunnen worden gesteld om hun recht te halen. Want juridisch doenvermogen is niet alleen afhankelijk van het individu, maar ook van de interactie met de context.

We moeten nog meer bruggen bouwen tussen de theorie en de werkelijkheid en als professionals beter begrijpen hoe de leefwereld van de inwoner eruitziet.

Leren van ervaringen uit de praktijk

In gesprekken en workshops deelden deelnemers hun ervaringen vanuit verschillende perspectieven. Ervaringsdeskundigen brachten onder de aandacht waar mensen in de praktijk tegenaan lopen. Ook kwamen de rollen van gemeenten, belangenbehartigers en cliëntondersteuners aan bod.

Een belangrijk inzicht was dat de inrichting van een juridische procedure veel vraagt van het doenvermogen van inwoners. Zo kan de procedure rond ondersteuning vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) andere eisen stellen aan inwoners dan een reguliere procedure volgens de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Ook de uitvoering van ondersteuning kwam aan bod. Wanneer gemeenten taken uitbesteden, kunnen zij op afstand komen te staan van de dagelijkse praktijk. Problemen van inwoners zijn daardoor niet altijd goed in beeld en het is soms onduidelijk wie verantwoordelijk is voor een oplossing. Juist dan zijn samenwerking en duidelijke regie van belang.

Recht toegankelijk maken voor iedereen

De gesprekken maakten duidelijk hoe belangrijk het is dat professionals oog hebben voor de leefwereld van inwoners. Dat vraagt niet alleen om kennis van wet- en regelgeving, maar ook om het herkennen van situaties waarin iemand extra ondersteuning nodig heeft. Bijvoorbeeld wanneer iemand moeite heeft met lezen en schrijven of niet goed weet waar diegene met een hulpvraag terecht kan.

Het symposium bood ruimte om ervaringen uit te wisselen en samen na te denken over manieren om juridische procedures toegankelijker te maken. De belangrijkste opgave is om de verbinding tussen theorie en praktijk verder te versterken en beter te begrijpen wat inwoners nodig hebben om hun weg te vinden in het recht.

Bijdragen aan een toegankelijkere samenleving

 

Met dit symposium draagt het HAN-lectoraat Begrijpelijk en Toegankelijk Recht bij aan een samenleving waarin iedereen zo goed mogelijk kan meedoen en toegang heeft tot het recht. Het onderzoek sluit aan bij het zwaartepunt Sociaal – Fair Health van de HAN, waarin toegankelijke informatie en voorzieningen centraal staan. Door onderzoek, ervaringskennis en de praktijk met elkaar te verbinden, werkt de HAN aan oplossingen die aansluiten bij wat mensen daadwerkelijk nodig hebben.

Bekijk de aftermovie voor een terugblik op het symposium en de inzichten van de deelnemers.