Promotieonderzoek

Data: hoe gebruik je ze in bewegingsonderwijs?

Welke kinderen hebben extra ondersteuning nodig bij bewegen en wie is toe aan meer uitdaging? Mark de Niet onderzoekt hoe leerkrachten de testgegevens van de BLOC-test kunnen gebruiken om het bewegingsonderwijs beter af te stemmen op ieder kind.

“Goed bewegingsonderwijs is belangrijk”, meent docent-onderzoeker Mark de Niet van het lectoraat Sport, Bewegen en Samenleving. Zijn promotieonderzoek loopt sinds februari 2026. “We zien bij kinderen dat jong geleerd, oud gedaan is. Als wij kinderen op jonge leeftijd vaardiger maken in bewegen, is de kans groter dat ze later ook een actief leven leiden. Dit kan de ontwikkeling naar zowel de breedte- als de topsport zijn. Daarnaast maakt het de kans groter dat mensen gezonder blijven.”

Inzicht in bewegen

In het bewegingsonderwijs gebruikt ongeveer 40% van de scholen een leerlingvolgsysteem. Vakleerkrachten schatten daarom vaak zelf in hoe een leerling beweegt. De BLOC-test brengt in beeld hoe kinderen zich motorisch ontwikkelen. BLOC staat dan ook voor Balans, Locomotor, Object en Controle. Het is echter niet altijd eenvoudig om de verzamelde gegevens te interpreteren en te vertalen naar de praktijk. Volgens Mark ligt daar juist een kans: “Door testgegevens slimmer te gebruiken, kunnen vakleerkrachten hun bewegingsonderwijs beter afstemmen op hun leerlingen. Daar gaat mijn onderzoek over.”

We willen het kind centraal zetten

De BLOC-test bestaat uit 4 oefeningen, zoals achteruit over balken lopen om de balans te testen en een bal tegen een muur gooien en vangen voor de hand-oogcoördinatie. “De test geeft een beeld van de beweegvaardigheid van een kind op dat moment. De test geeft aan in hoeverre het kind de vaardigheid onder de knie heeft. Dit geeft handvatten om er iets mee te doen, bijvoorbeeld door het kind meer begeleiding te geven. Als je kinderen helpt door het beweegprogramma op school beter op ze aan te sluiten, is dat voor iedereen winst. Wij willen echt het kind centraal zetten.”

Meetgegevens gebruiken

Mark onderzoekt hoe vakleerkrachten de resultaten van de BLOC-test gebruiken. Het doel is duidelijk: de gegevens inzetten om het bewegingsonderwijs te verbeteren. “We zien in de praktijk dat data kunnen helpen om het onderwijs aan te passen. Dat leidt bijvoorbeeld tot aanpassingen in activiteiten of tot een andere indeling van groepen. Denk aan kinderen die mogen gymmen bij een andere klas, omdat zij daar beter tot hun recht komen.”

Daar is meer voor nodig dan alleen een meetmoment. Mark onderzoekt bij vakleerkrachten, schoolleiding en leerlingen hoe zij de test gebruiken en ervaren. Met vragenlijsten en eventueel interviews onderzoekt hij wat daarbij helpt en wat juist in de weg zit. “Hiermee hoop ik in kaart te brengen wat de belemmerende en bevorderende factoren zijn.”

Datavaardigheid, daar hebben we wel stappen in te zetten

Een belangrijke uitdaging zit volgens Mark in het verwerken en interpreteren van de gegevens. “Daar hebben we wel stappen in te zetten. Ook al hebben we een handige handleiding, niet iedereen weet deze te vinden of gebruikt het. Zo had ik een docent die heel enthousiast was over de test. Ik zei: dan kom ik een keer langs om de data te bespreken. En toen zag ik allemaal blaadjes met cijfers erop. De leerkracht had het allemaal met de hand overgeschreven vanuit het systeem. Terwijl je de gegevens zo downloadt met een druk op de knop.”

Aanpassen lesprogramma

“Het verzamelen van gegevens zie ik niet als eindpunt, maar als startpunt voor gerichte aanpassingen in het bewegingsonderwijs. De gegevens krijgen pas waarde als een leerkracht er vervolgens iets mee doet.”

In de praktijk zag Mark een voorbeeld van hoe leerkrachten de gegevens gebruiken. “Een leerkracht zag dat in al zijn groepen, dus groep 3 tot en met 8, de test rondom hand-oogcoördinatie minder goed scoorde. Hij dacht: ze zijn heus niet allemaal zwak in het vangen en gooien met een bal. Hij legde zijn beweegprogramma ernaast en zag dat hij veel gymnastiekonderdelen had, maar weinig spelvormen met een bal. Op basis van de BLOC-test is hij dus kritisch gaan kijken naar zijn curriculum en meer balspelvormen gaan introduceren.”

Portret expert Mark de Niet

Interpretatie gegevens

“Voor mij is het belangrijk duidelijk te hebben waar de grootste knelpunten liggen. De rol van de schoolleiding is daarbij ook belangrijk. Hebben zij een rol in het bepalen of de leerkrachten überhaupt beweegvaardigheid gaan meten? En zo ja, is er voldoende ruimte voor om dit te doen?” De uitslag van een test vraagt altijd om een goede interpretatie. Factoren zoals een blessure, groei of concentratie kunnen invloed hebben op het resultaat. “Het gaat dus ook over de interpretatie van de data. We moeten een reëel beeld schetsen van de verwachtingen.”

Uiteindelijk doel: het beweegaanbod verbeteren voor de kinderen

Tegelijkertijd moeten we nog beter inzicht hebben in de ontwikkeling van scores op de BLOC-test over jaren heen. Ook de omgeving van kinderen speelt daarin een rol. Kinderen hebben niet allemaal dezelfde sportervaringen of mogelijkheden. “En ook wat de rol is van bijvoorbeeld sportdeelname, de betrokkenheid van ouders of mogelijkheden in de wijk. We weten dat dat impact heeft, maar weten nog niet zo goed hoe we dat concreet maken. Daar is meer data voor nodig.”

Beweegaanbod verbeteren

Het onderzoek levert kennis op over de ontwikkeling van de beweegvaardigheid van kinderen en de factoren die daarmee samenhangen. Het doel is een praktische tool die leerkrachten helpt testgegevens beter te gebruiken. “En uiteindelijk het beweegaanbod te verbeteren voor de kinderen.”

“We willen de kinderen beter bereiken. Zorgen dat ze beter leren bewegen. Daarvoor hebben we vakleerkrachten nodig. Dan is het essentieel dat we ze toerusten met mogelijkheden om beter gebruik te maken van data. Daarom wil ik dat het onderzoek leidt tot concrete handvatten voor de praktijk en een blauwdruk voor andere scholen en gemeenten.”

Meer over
 

het Lectoraat Sport, Bewegen en Samenleving

Het lectoraat Sport, Bewegen en Samenleving richt zich op het versterken van de maatschappelijke waarde van sport en bewegen, en op het verbeteren van beweegpraktijken in onderwijs en samenleving. Het onderzoek levert een belangrijke bijdrage aan de onderzoekslijn 'Een sportief en excellerend Nederland'.

Een hardloopster strikt haar schoenen