Gerlinde Oversluizen

Van data naar beter beslissingen: de werkplaats in de praktijk

studenten met VR-bril op

Veel bedrijven zitten op een goudmijn aan data, maar weten niet hoe ze die kunnen laten werken. Herkenbaar? Onderzoeker Gerlinde Oversluizen begeleidt de werkplaatsen. Een intensief traject waarbij medewerkers werken aan hun eigen praktijkprobleem. We vroegen haar hoe dat werkt, en waarom.

Wat zag je in de praktijk dat je dacht: dit moet anders?

Wat ik keer op keer zie, is dat bedrijven worstelen met plannings- en besturingsproblemen. Denk aan een hoge variatie in de klantvraag of onbetrouwbare voorcalculaties van de capaciteitsbehoefte. Bedrijven zijn voortdurend bezig om hun productieproces en de aansturing daarvan te verbeteren. Ze verwachten daarin een volgende stap te zetten door gebruik te maken van de steeds ruimere, real-time beschikbaarheid van orderstatus en productiedata. Maar ze weten niet goed hoe ze die data dan ook echt waardevol kunnen inzetten. En dat is precies waar het vaak vastloopt.

Portretfoto Gerlinde Oversluizen

Hoe ben je op het format van de werkplaatsen gekomen?

Vanuit het lectoraat Lean/HLQC hebben we al ervaring met werkplaatsen waarbij bedrijven samen werken aan het verbeteren van hun productieprocessen. De opzet van deze werkplaats is daarop gebaseerd. We gaan samen aan de slag met het verkennen, analyseren en slim inzetten van de data die er al is. Het mooie is dat bedrijven niet alleen van ons leren, maar ook van elkaar.

Wat is jouw rol in een werkplaats? Ben je meer begeleider, co-onderzoeker, of iets anders?

Ik doe zelf een professional doctorate onderzoek. Daarin onderzoek ik hoe je complexe productieplannings- en besturingstaken kunt ondersteunen met datagedreven oplossingen. Voor dat onderzoek heb ik een implementatieproces ontwikkeld, met bijbehorende methoden, tools en ontwerpprincipes. Hoe je dat stap voor stap toepast, heb ik beschreven in een praktijkboek. Deze eerste werkplaats gebruik ik om zowel het implementatieproces als het praktijkboek te toetsen en verder te verbeteren. Ik ben dus begeleider én onderzoeker tegelijk.

Wat leer jij als onderzoeker van de deelnemers? Loopt kennis ook de andere kant op?

Ja, zeker! Van de deelnemers leer ik hoe zij het implementatieproces en de tools in de praktijk gebruiken. Wat gaat makkelijk, waar lopen ze tegenaan, wat kan simpeler of anders, en wat voegt wel of niet echt iets toe. Dat is voor mij heel waardevolle informatie. En andersom leren zij van mij welke mogelijkheden er zijn om data slim in te zetten en hoe je dat concreet aanpakt. Op basis van alles wat ik in de werkplaats opsteek, kan ik de methode verbeteren en die verbeterde versie meenemen naar de volgende werkplaats. Het is dus echt een wisselwerking.

Wat maakt een werkplaats geslaagd? Wanneer is het dat niet geval?

Een werkplaats is voor mij geslaagd als bedrijven aangeven dat ze hun data beter begrijpen en die ook echt kunnen gebruiken om hun plannings- en besturingsbeslissingen te ondersteunen. Dat is het resultaat voor hen. Voor mij persoonlijk is het geslaagd als ik voldoende feedback heb kunnen ophalen om de methode en het praktijkboek verder aan te scherpen. Als dat allebei lukt, ga ik tevreden naar huis.

Het lectoraat werkt op meerdere manieren samen met partners. Wanneer kies je bewust voor de werkplaatsvorm boven een andere aanpak?

Ik kies voor de werkplaatsvorm als een aanpak al enigszins staat en bedrijven van elkaar kunnen leren. Maar als een aanpak nog volledig moet worden ontworpen en uitgedacht, dan ga ik liever direct bij bedrijven zelf aan de slag. Dat heb ik ook gedaan voor dit implementatieproces van datagedreven oplossingen. Ik ben samen met studenten aan de gang gegaan bij Verheij Metaal, MCB en Goma – deels afgerond, deels nog lopend. Op die manier ontwikkel je iets wat echt aansluit bij de praktijk.

Meer informatie

Benieuwd of een werkplaats iets voor jouw organisatie is? Neem contact op met Gerlinde via gerlinde.oversluizen@han.nl. Ze vertelt je graag meer