"Het kiezen van een studie is geen rekensommetje"

Startende studenten hebben vaak een uitgebreid studiekeuzeproces doorlopen. Helaas valt toch 40% van de HAN-studenten in het eerste jaar uit. Waar ging het mis in het keuzeproces? Wat is het achterliggende verhaal? Een team van de HAN Academie Educatie onderzocht het.

65800 docent luistert met handen over elkaar naar studente

Over een paar weken is het weer zover: dan start er weer een nieuwe lichting studenten bij de opleidingen van de HAN. Voorafgaand hieraan hebben veel studenten een uitgebreid studiekeuzeproces doorlopen. In veel gevallen weten we dat dit studiekeuzeproces niet direct leidt tot een passende studiekeuze. Ongeveer 40% van de HAN-studenten valt uit in het eerste jaar, en vaak ligt hier een verkeerde studiekeuze aan ten grondslag.

Onderzoek naar studiekeuzeproces

Martijn Peters en Mariëlle Verhoef, onderzoekers bij het Lectoraat Beroepspedagogiek onderzochten het studiekeuzeproces bij 1e-jaarsstudenten van de Academie Educatie. Vóór de coronacrisis spraken zij met 28 studenten over hun studiekeuze en het moment dat ze kozen om te stoppen of te blijven. Dit praktische deel werd aangevuld met een literatuuronderzoek naar keuzeprocessen en het studiekeuzeproces in het bijzonder.

Het verhaal achter de cijfers

Martijn: “We wilden met ons onderzoek graag een rijker beeld krijgen van de problematiek rondom het maken van een studiekeuze en uitval, met name in het eerste jaar. We weten natuurlijk cijfermatig heel veel over uitval in het hoger onderwijs, maar door de stortvloed aan cijfers die we hierover zien vergeten we het persoonlijke verhaal van studenten. Dat wilde ik graag in kaart brengen. Vandaar ook de keuze voor de titel ‘Huilend heb ik me aangemeld’. Dat springt er meteen uit, je wil dan weten welk verhaal daar bij hoort. En dat was precies de bedoeling van ons onderzoek.”

Naast de cijfers over uitval wilde ik graag het persoonlijke verhaal in kaart brengen.

Narratieve gespreksvoering

Om die verhalen goed in kaart te brengen hebben de onderzoekers gebruikt gemaakt van narratieve gespreksvoering. Marielle Verhoef: “Narratieve gespreksvoering is een manier van gespreksvoering waarbij het verhaal van de student centraal staat. Het is anders dan een gewoon interview. Door de open benadering die in deze methode centraal staat kwamen er hele mooie, maar ook schokkende verhalen naar boven. Wat bleek, ouders spelen een belangrijke rol in het studiekeuzeproces. Ze kunnen een steun zijn voor jongeren, maar ze kunnen tegelijkertijd ook te veel druk opleggen.”

Literatuuronderzoek: de matchingsgedachte

Het narratieve onderzoek werd aangevuld met een literatuurstudie. Martijn Peters: ”Toen viel ons op dat veel van de verhalen die we hoorden van studenten naadloos passen in de stukken die we hierover lazen.” Uit de literatuurstudie blijkt vooral dat studiekeuze een proces is, dat vaak heel onvoorspelbaar is. Martijn: “In het onderwijs heerst nog steeds de matchingsgedachte. Als je je maar goed oriënteert en je eigen interesses en vaardigheden goed leert kennen, dan volgt daar automatisch de juiste studiekeuze uit. Maar zo werkt het niet.” 

Mariëlle: “Ons brein is geen computer, die op basis van bepaalde input met een logische output komt. Keuzeprocessen worden beïnvloed door allerlei factoren, die niet altijd voorspelbaar en inzichtelijk zijn voor de buitenwereld. Bedenk daarnaast dat jongeren midden in een proces van identiteitsvorming zitten als zij hun studiekeuze moeten maken. Het kiezen van een studie is dus geen rekensommetje”. 

Keuzeprocessen worden beïnvloed door allerlei factoren, die niet altijd voorspelbaar en inzichtelijk zijn voor de buitenwereld.

Adviezen

Het onderzoek leverde een uitgebreid onderzoeksrapport op met een mooie lijst aan conclusies en belangrijke adviezen:

  • Wees realistisch over de studiekeuzecheck. Zorg voor een follow-up ná de start van de opleiding. Maak twijfel over keuze vooraf bespreekbaar.
  • Haal het stigma van uitval of switch weg en heroverweeg de term ‘exit-gesprek'.
  • Faciliteer de mogelijkheid om te switchen, zeker gezien het aantal studenten dat kort na de start van de opleiding al gaat twijfelen als gevolg van verwachtingen die niet worden waargemaakt.
  • Geef ouders een rol in de voorlichting.
  • Zet peers (studenten) in in de voorlichting.

De adviezen worden binnen de HAN meegenomen om het studiekeuzeproces te optimaliseren. Maar ook andere hogescholen kunnen hun voordeel ermee doen. Momenteel wordt bekeken of het onderzoek een vervolg krijgt.

Heb je belangstelling om met je opleiding mee te doen, neem dan contact op met Martijn of Mariëlle. Uiteraard kun je ook bij hen terecht voor andere vragen. 

Het onderzoek is uitgevoerd door een multifunctioneel team van de Academie Educatie. Mariëlle Verhoef en Martijn Peters (beide onderzoekers bij het lectoraat Beroepspedagogiek) werden bijgestaan door Astrid van Dael (lerarenopleider en SLB'er), Christel Vissers (coördinator praktijkbureau L&D), Dick Grievink (Kwaliteitszorg) en Gabriel van Boekel (leraar basisonderwijs).