Door zijn vooropleiding, mbo-elektronica, kon Ben Lemmens (22) in september 2006 de propedeuse Embedded Systems Engineering versnellen en was hij na een half jaar al 2e jaars… Wat deed hij allemaal, dat schooljaar?
Versnelde propedeuse
'De opleiding begon goed met een leuk introductiekamp. Het halen van de propedeuse vond ik persoonlijk niet echt moeilijk. Ik heb dit via de versnelde weg in een half jaar kunnen doen. Dit kon omdat ik hiervoor de opleiding Elektronica (mbo) deed. Ik moest daarvoor wel veel competentiebewijzen en dergelijke aanleveren. Competentiebewijzen zijn verslagen waarmee je laat zien dat je bepaalde kennis en vaardigheden bezit. Het voordeel hiervan is, dat je voor deze vakken geen tentamens meer hoeft af te leggen!'
Project “i-Textol”
'Tijdens het 1e jaar wordt veel aandacht besteed aan hardware en software. Een groot deel van de opleiding bestaat uit projecten. Die projecten worden door de opleiding samengesteld.
Het eerste project, “i-Textol”, was er meteen een waarbij zowel hardware als software een belangrijke rol speelden. De combinatie van hard- en software maakten het project voor mij interessant. Software schrijven vind ik erg leuk om te doen, maar het nadeel is dat je het resultaat niet echt kan vastpakken; je kunt niet goed laten zien wat je hebt gemaakt. Bij hardware kan dat wel. En aangezien elektronica mij ook erg interesseert, maakt de combinatie van soft- en hardware het voor mij extra leuk.
De “i-Textol” is een tol die met behulp van 8 boven elkaar geplaatste LED’s een tekst moet kunnen weergeven als hij draait. Door bepaalde LED’s steeds aan of uit te zetten lijkt het door de snelheid van het draaien alsof er rondom de tol een wand met tekst staat. De teksten die weergegeven worden, worden opgeslagen in een microcontroller binnenin de tol. De teksten moesten op 3 manieren aangepast kunnen worden:
- met behulp van een display en wat knopjes
- via een PC-applicatie en
- via een website (als toevoeging voor de versnelde leerweg) '
Samenwerken
'Tijdens dit project werkten we in een groep van 5 mensen. Je leert tijdens de projecten goed samenwerken. Wanneer de samenwerking niet goed is, is de kans groot dat je het project niet haalt. Wanneer iemand bijvoorbeeld niets aan het project doet, verpest hij het voor de anderen en zoiets wordt natuurlijk niet getolereerd. Iedereen moet zich dus echt inzetten.
De taken werden over de verschillende projectleden verdeeld. Ieder had op die manier zijn eigen taken. De één was bijvoorbeeld bezig met de PC-applicatie, een ander met de software voor de microcontroller en weer een ander werkte aan een stukje hardware.
Er werd wekelijks vergaderd, waarbij de voorzitter en de notulist per keer wisselden. Iedereen is dus voorzitter en notulist geweest. Om de maand werd iemand anders projectleider, zodat enkelen ook met deze rol te maken kregen. Bij de vergaderingen was steeds een tutor aanwezig.'