Over de opleiding
Bij Voeding en Diëtetiek ontwikkel je je competenties door te werken aan praktijkproblemen. Je gaat daarbij zelf actief op zoek naar de kennis om het probleem op te lossen.
Casussen en practica
Hoe werk je aan je competenties?
- Je werkt in groepsverband aan prakijkproblemen (casussen). Je discussieert over de gevonden oplossingen.
- In practica ga je onder begeleiding gericht aan de slag. Denk hierbij aan het oefenen van communicatieve vaardigheden en bereidingstechnieken in de keuken. Zo kun je later niet alleen theoretische, maar ook praktische adviezen geven.
- In projecten leer je al doende je toekomstig beroep uit te oefenen.
Wat komt er aan bod tijdens de opleiding?
Natuurlijk krijg je ondersteunend onderwijs over onder andere de volgende onderwerpen:
- Voedingswetenschappen: voedingsleer, productleer, dieetleer en recepten-/menuleer
- Ziekteleer: je leert over anatomie, fysiologie en pathologie
- Algemene natuurwetenschappen: organische chemie, voedingschemie, biochemie, biologie, microbiologie
- Informatica: je leert omgaan met voor jouw beroep belangrijke software, zoals voedingsberekeningsprogramma’s en de statistische verwerking van onderzoeksgegevens (SPSS)
- Bedrijfskunde: je maakt kennis met organisatiekunde, kwaliteitszorg en hygiëne
- Je verdiept je in psychologie, sociologie, communicatie- en voorlichtingskunde en ethiek