Studiebegeleiding
Tijdens je studie Bio-informatica is er ruimte voor eigen keuzes. Samen met je studieloopbaanbegeleider stel je bijvoorbeeld een Persoonlijk Ontwikkelingsplan (POP) op. Hierin staat wat je wilt leren en welke competenties je wilt ontwikkelen. Een portfolio vormt jouw persoonlijke dossier waarin je tijdens je studie bijhoudt welke vorderingen je maakt.
Vakkennis, jouw persoonlijkheid en manier van handelen
In een portfolio verzamel je producten die je als bewijs gebruikt voor wat je geleerd hebt. Dat kan dus van alles zijn: draaiboeken, verslagen, toetsresultaten, maar ook foto’s kunnen er deel van uitmaken. Aan de hand van je portfolio kan je beoordelaar zien welk niveau je hebt bereikt.
Bedrijven bepalen samen met de HAN welke kennis en competenties afgestudeerden in huis moeten hebben. In het onderwijs staan die kennis en competenties vervolgens centraal. De beroepscompetenties zijn een optelsom van jouw vakkennis, persoonlijkheid en manier van handelen. Als je afgestudeerd bent, heb je voldoende competenties ontwikkeld om effectief aan de slag te gaan.
Studieloopbaanbegeleiding
Je wordt intensief begeleid door een studieloopbaanbegeleider. Centraal staan hierbij vragen als:
- Hoe verloopt je studie?
- Welke richting kies je?
- Waar wil je stage lopen?
- Wat zou je na je studie willen doen?
De begeleider adviseert je over je studievoortgang en studieplanning. Samen stel je het Persoonlijk Ontwikkelingsplan (POP) op.
Decaan
Wanneer er tijdens je opleiding problemen ontstaan, kun je altijd terecht bij de decaan, die je met raad en daad terzijde staat. Denk aan motivatie- of studieproblemen, of situaties in de persoonlijke sfeer.