Trots op kennis
27 september 2011
Trotse kennis
Albert Sanders, docent Sociaal Pedagogische Hulpverlening (SPH): "Ik ben blij dat ik kan zeggen dat ik nog steeds erg enthousiast ben over mijn vakgebied, beeldend vormen in relatie tot hulpverlening. Met collega´s en studenten steeds weer opnieuw zoeken naar nieuwe toepassingen en die weer verbeteren. Binnen de lessen beeldend heb ik samen met collega's en studenten door de jaren heen een methode ontworpen waarmee je op beeldende wijze op een nieuwe, andere, respectvolle wijze naar je cliënten kunt kijken. Hierdoor ontstaan er nieuwe, andere zienswijzen, zowel bij de hulpverlener als bij de cliënt. Studenten ontwerpen, vaak samen met de cliënt, een sculptuur of 'pop' met verschillende materialen of voorwerpen die verwijzen naar de eigenaardigheden van de desbetreffende cliënt. Het gevolg hiervan kan zijn dat de cliënt en de hulpverlener heel anders op elkaar afgestemd raken waardoor wederzijdse (voor)oordelen en indrukken de kans krijgen te verdwijnen. Het resultaat van deze methode is vastgelegd in een boek met als titel; Mensen van vlees en bloed. In dit drietalige boek wordt de methode beschreven en onderbouwd, studenten vertellen wat de methode hen heeft opgeleverd en een cliënt zelf neemt het woord. Bovenal is dit boek een kijkboek met veel foto´s van 'gematerialiseerde' cliënten die bij aandachtige beschouwing iets van hun eigenaardigheden prijsgeven.
Dit boek kan ook voor andere, niet beeldende docenten, of voor andere opleidingen dan SPH een voorbeeld zijn hoe je op creatieve wijze zoekt naar geschikte toepassingen van specifieke vakkennis. Natuurlijk is de uiteindelijke uitgifte van het boek bijna als de geboorte van je eerste kind, waarbij je direct moet leren het ook weer los te laten!"
Kennis actueel houden
Om mijn huidige kennis actueel te houden, maak ik gebruik van verschillende methodes;
- Gericht zoeken naar literatuur op het gebied van beeldende kunst en creativiteit in het algemeen, en beeldende kunst en creativiteit in relatie tot de hulpverlening binnen SPH. Hierbij richt ik mij zowel op Nederlandstalige als Duitstalige literatuur, omdat ik zowel aan Nederlandse als aan Duitse studenten les geef.
- Bezoeken aan het werkveld, zowel de Nederlandse als de Duitse, en dan vooral de ateliers waar mensen met een verstandelijke beperking fantastische kunst maken.
- Participeren aan projecten met andere hogescholen, al dan niet in samenwerking met een lectoraat van de HAN.
- Publiceren van korte artikelen in het tijdschrift (P)art voor de organisatie 'Special Arts' in Amersfoort.
Daarnaast heb ik een prettige samenwerking met Uitgeverij Diepenmaat, die steeds weer investeert in het uitgeven van speciale boeken voor speciale doelgroepen. Ook hierdoor kom ik in contact met nieuwe werkvelden waar profit en non-profit elkaar kunnen versterken.
Voor diverse instellingen die zorg leveren aan mensen met een verstandelijke beperking zit ik in een zogenaamde 'selectiecommissie' waarbij we samen met de begeleiders en de cliënten/ kunstenaars de voortgang van hun werk bespreken.
Natuurlijk is de uitwisseling van kennis en informatie met collega´s en studenten deeltijd een belangrijke bron voor het actueel houden van mijn kennis.
Tot slot krijg ik bij de HAN een urentoekenning in mijn takenpakket voor deelname aan projecten om zo mijn kennis te actualiseren en daarnaast ontvang ik een persoonlijk budget waarmee ik literatuur kan aanschaffen. Soms leveren de bijscholingscursussen ook nieuwe kennis op.
De doelgroepen in huis
Een ander gekte of neiging is het steeds weer opnieuw binnenhalen van verschillende doelgroepen van SPH, door het maken van tentoonstellingen in de D-vleugel. De doelgroepen van SPH beschikken over een bijzondere (beeld)taal die studenten dienen te begrijpen. Hierdoor rehabiliteer je een onderwijsinstelling als de HAN doordat je wijst op het feit dat kennis niet enkel van binnenuit kan komen, maar dat deze kennis, voor een beroepsopleiding, vooral buiten ligt, bij de instellingen en de cliënten. Ook voor de cliënten heeft deze ontmoeting veel rehabiliterende effecten; het zijn bijzondere ervaringen waarbij ze nieuwe indrukken opdoen, nieuw gedrag vertonen en zich verder ontwikkelen.
Laat docenten vooral hun kwaliteit botvieren
De meeste kennis doe ik op tijdens het werken met studenten en met de verschillende doelgroepen. De roep om meer masters binnen het hbo onderschrijf ik niet zo. 'Universiteitje spelen' kunnen we toch samen met de overkant? Laat een ieder doen waar zijn kwaliteiten liggen. Binnen het hbo dien je naar mijn mening te investeren in praktijkmensen die goed zijn of worden geschoold, in het overdragen van zowel (praktijk)kennis als vaardigheden. Deze docenten moet je zo veel mogelijk faciliteren, docentstages laten lopen en carrièremogelijkheden bieden in het lesgeven in plaats van in het management.
Mijn leren zou verder nog kunnen groeien doordat ik, zoals bij de Minor 'Creativiteitsontwikkeling', in contact kom met studenten en docenten van andere opleidingen waardoor ik weer opnieuw mag nadenken over andere, vernieuwende toepassingen van creativiteit. De HAN, en in het bijzonder de Faculteit GGM of het Instituut ISS, zou creativiteit in de opleidingen tot speerpunt moeten maken, want daaraan heeft de samenleving grote behoefte. Tenslotte wil ik graag afsluiten met een zin die ik tot vervelens toe bij studenten naar binnen toeter; 'Een probleem wordt niet opgelost met dezelfde manier van denken die het heeft doen ontstaan'." ( Bos, J., E. Harting en M. Hesselink. (2010). PMC Compact, Projectmatig Creëren binnen handbereik. Scriptum Management. ISBN 9789055947089 )

Aantal reacties: 0