Promovendi aan het woord

02 juli 2009
Friede Simmes en Mariel van Pelt en Katie Oost en Marijke van Bommel

Mariël van Pelt, Katie Oost, Friede Simmes en Marijke van Bommel zijn dit studiejaar gestart met hun promotietraject. Hoe is het om bij de HAN te promoveren?

Mariël van Pelt (Coördinator Master Social Work)

Mariël van Pelt onderzoekt het effect van de Master Social Work op de professionalisering van agogen. Haar promotor is Giel Hutschemaekers, bijzonder hoogleraar professionalisering in de GGZ aan de Radboud Universiteit, en co-promotor is Marion van Hattum, HAN-lector professionalisering van agogen en vaktherapeuten in de gezondheidszorg. Het doel van het onderzoek is zowel het verbeteren van de opleiding als de legitimatie van de opleiding richting het werkveld. Het onderzoek heeft de vorm van programma-evaluatie bestaande uit een planevaluatie, gericht op een reconstructie van de doelen, procesevaluatie, gericht op het evalueren van (een deel) van de implementatie, en een effectevaluatie. Drie cohorten studenten vormen de onderzoekspopulatie.
Na een jaar ´promoveren´ zit de plan-evaluatiefase er ongeveer op. Door middel van Concept Mapping hebben belanghebbenden bij de master de doelen met betrekking tot de opleiding geprioriteerd en verwachtingen geëxpliciteerd. Daarvoor is een schriftelijke vragenlijst onder 42 stakeholders uitgezet met de vraag om 60 doelen, door middel van inhoudsanalyse gedestilleerd uit (beleids)documenten die ten grondslag liggen aan de master social work, te prioriteren. Ook moesten de respondenten doelen die bij elkaar horen, clusteren. De resultaten van deze schriftelijke vragenlijst zijn vervolgens in een expertmeeting met 11 van deze 42 vertegenwoordigers besproken en verder uitgewerkt. De aldus verkregen Concept Map laat zien dat er consensus is over de verwachte resultaten van de Master Social, en laat tevens de gebieden zien waarop deze verwachtingen liggen. Aan de hand van literatuur worden beoogde doelen en resultaten nu verder geoperationaliseerd. Vervolgens worden meetinstrumenten ontworpen ten behoeve van de proces- en effectevaluatie.
Er is nu voldoende materiaal voor een eerste artikel over de Concept Map en het onderzoeksontwerp is klaar (gesteund door de sterk aanbevolen cursus Ontwerp en Uitvoering van een Promotieproject van de RU). Na de zomervakantie start de instrumentontwikkeling om daarna bij het eerste en tweede cohort een eerste meting te doen. De planning is dat het proefschrift medio 2012 (bijna) verdedigd kan worden. 
 

Katie Oost (Opleidingsdocent/onderzoeker van het Instituut voor Leraar en School)

Katie Oost doet onderzoek naar de meerwaarde van veldwerk bij aardrijkskunde met als centrale vraag: Wat zijn effectieve en haalbare leerarrangementen voor (vakoverstijgend) veldwerk bij aardrijkskunde in het voortgezet onderwijs? Het betreft ook hier een praktijkgericht onderzoek. Aanleiding is het veldwerk dat wel wordt genoemd in de kerndoelen en de eindtermen voor het aardrijkskunde onderwijs maar in de onderwijspraktijk niet van de grond komt. Het is de vraag of docenten via hun opleiding of ervaring wel voldoende toegerust en zelfverzekerd zijn om veldwerk in het aardrijkskundecurriculum op school te integreren, daarin een leerlijn aan te brengen en het veldwerk effectief uit te voeren. Op deze manier werken stelt ook eisen aan de docent als ontwerper van een innovatief leerarrangement voor veldwerk: vanuit de leerdoelen moet worden gekozen voor een bepaald type veldwerk, een bepaald gebied waar dat veldwerk plaatsvindt en een bepaalde voorbereiding en nabespreking in de lessen. Katie Oost onderzoekt hoe docenten toegerust kunnen worden voor het ontwerpen van een leerlijn waarin veldwerk efficiënt en effectief is geïntegreerd. Haar begeleiders zijn professor Joop van der Schee van het Onderwijscentrum van de Vrije Universiteit Amsterdam en Bregje de Vries, lector aan de HAN als co-promotor.
 

Friede Simmes (hoofddocent aan het Instituut Verpleegkunde Studies)

Friede Simmes doet haar onderzoek binnen het lectoraat acute intensieve zorg van lector Joke Mintjes in samenwerking met het Universitair Medisch Centrum van de Radboud Universiteit. Friede doet onderzoek naar de effecten van het systematisch opsporen en tijdig behandelen van de vitaal bedreigde heelkunde patiënt. Kortgezegd komt het neer op het plegen van een aantal interventies waarvan het effect gemeten wordt. De interventies zijn: systematische controles van de vitale functies en duidelijke procedures bij afwijkingen en de instelling van een Medical Emergency Team, bestaande uit een intensivist en intensive care verpleegkundige, die binnen tien minuten na oproep op de verpleegafdeling zorg aan de patiënt levert. De beoogde uitkomsten zijn: het terugdringen van het aantal ongewenste complicaties bij de patiënt, positieve effecten op kwaliteit van leven, een implementatiemethode en de effecten op de uitvoering.

Marijke van Bommel van het Instituut Sociale Studies

Marijke van Bommel doet ook een onderwijskundig onderzoek. Haar onderzoek is gericht op de vraag of studenten binnen haar instituut door het competentiegerichte onderwijs voldoende diepgaande kennis leren, waar ze wat mee kunnen in het werk. Bij competenties lijkt de nadruk vaak op vaardigheden te liggen en menigeen vraagt zich af of studenten nog wel genoeg kennis leren. Deelvragen van het onderzoek zijn: Wat helpt studenten bij het leren van kennis en wat hindert hen? Leren ze kritisch te kijken naar hun kennis en deze te blijven ontwikkelen? Aanleiding tot dit onderzoek is de invoering van competentiegericht onderwijs binnen de HAN dat zowel voor studenten als docenten ingrijpend is geweest.


Aantal reacties: 0