Promotie-onderzoek naar maatschappelijk werk in traumazorg

15 juni 2010
Lisbeth Verharen

Het proefschrift van Lisbeth Verharen over haar onderzoek naar maatschappelijk werk in de traumazorg is goedgekeurd en haar proefpromotie bij de HAN is achter de rug. Tijd om het onderzoek toe te lichten op HANovatie.

Ontstaan promotie-onderzoek

Lisbeth Verharen: "Vanuit het Lectoraat Acute Intensieve Zorg had ik contact met medisch maatschappelijk werkers in de traumazorg. Zij vroegen mij hen te helpen zichtbaar te maken wat de meerwaarde is van hun bijdrage aan de traumazorg. In de traumazorg gaat het om mensen met acuut somatisch letsel veroorzaakt door grote druk van buitenaf, zoals verkeersongevallen, bedrijfsongevallen, geweldsmisdrijven en ongelukken rondom huis. De eerste zorg is gericht op het redden van het leven van de patiënt en het beperken van de fysieke gevolgen, maar het ongeval heeft voor patiënt en naasten ook psychosociale gevolgen."

Aandacht voor psychosociale gevolgen

"Medisch maatschappelijk werkers richten zich op de psychosociale gevolgen voor patiënt en naasten na een ongeval. In eerste instantie is de patiënt vaak nog niet aanspreekbaar, maar de naasten worden wel al direct met de gevolgen geconfronteerd. De aandacht voor die naasten verschilt enorm per ziekenhuis. Er is één ziekenhuis in Nederland waar maatschappelijk werk op de spoedeisende hulp aanwezig is, in een andere ziekenhuis werken ze op de spoedeisende hulp met medewerkers familieopvang. In de meeste ziekenhuizen is het de taak van verpleegkundigen om naasten op te vangen, maar bij drukte op de spoedeisende hulp komen ze daar niet altijd aan toe. In veel ziekenhuizen is wel een maatschappelijk werker verbonden aan de intensive care en de verpleegafdelingen. De beschikbare formatie varieert sterk. Bij bezuinigingen staat het maatschappelijk werk nogal eens onder druk."

Onderzoeksplan

"Vandaar de vraag van de medisch maatschappelijk werkers om hiernaar onderzoek te doen. Vanuit die vraag heb ik een onderzoeksplan gemaakt dat ik aan medisch maatschappelijk werkers van diverse ziekenhuizen heb voorgelegd met de vraag of zij aan het onderzoek wilden meewerken. Medisch maatschappelijk werkers van het UMC Groningen, UMC Utrecht, LUMC Leiden, VUmc Amsterdam, St. Elisabeth ziekenhuis Tilburg, AZM Maastricht en ziekenhuis Bernhoven Veghel hebben aan het onderzoek hun medewerking verleend."

Onderzoek en onderwijs

Het is de bedoeling dat kennis die we bij onderzoek opdoen direct ingezet wordt in het HAN-onderwijs. Hoe brengt Lisbeth Verharen dat in praktijk en hoe wordt hier op gereageerd door studenten?
"Sinds twee jaar biedt de opleiding Verpleegkunde de minor High Care aan. Ik verzorg één van de lesdagen van deze minor en ga dan met studenten in op de opvang en begeleiding van familie in de traumazorg. Ik laat hen aan de hand van citaten zien wat familieleden meemaken en ervaren tijdens de opname van de patiënt in het ziekenhuis. We bespreken wat zij als verpleegkundigen daarin kunnen betekenen en ik informeer hen over wat maatschappelijk werkers voor familie en andere naasten kunnen doen. De meeste studenten geven aan dat zij het goed vinden dat hieraan aandacht wordt besteed. Sommigen hebben er veel affiniteit mee en laten dat duidelijk merken. Anderen zijn wat meer technisch georiënteerd, maar juist voor hen vind ik het belangrijk dat zij hiermee worden geconfronteerd tijdens de opleiding. Ik herinner me een situatie waarin een student vertelde dat zij bezig waren een patiënt te stabiliseren en dat juist op dat moment de dochter kwam. Dat mag een verpleegkundige niet verbazen. Het is een vrij normaal verschijnsel dat familie verschijnt en dat die emotioneel kunnen zijn. Daar moet je als verpleegkundige op voorbereid zijn en mee om kunnen gaan.

Aan mijn afstudeeronderzoek heb ik twee afstudeerprojecten verbonden waaraan in totaal 7 studenten van de bacheloropleiding Maatschappelijk Werk en Dienstverlening hebben deelgenomen. Eén groep heeft een vragenlijst ontwikkeld om de behoefte aan psychosociale hulpverlening te meten en zij hebben in het ziekenhuis interviews met naasten afgenomen. Een andere groep heeft onderzocht wat de invloed van etniciteit op de behoeften van naasten is. Daarnaast hebben 4 tweedejaars studenten een jaar lang aan het onderzoek meegewerkt in het kader van praktijkwerk. Zij namen telefonische interviews met naasten af. Ook heb ik veel met studenten gewerkt van andere Hogescholen bijvoorbeeld in Groningen en Leiden. Vanwege de reisafstand was het niet mogelijk daarvoor studenten van de HAN in te zetten. "

Rol van de lector

"Joke Mintjes, lector Acute Intensieve Zorg is mijn co-promotor. Zij nam de dagelijkse begeleiding ter hand en die was bijzonder waardevol. Zij volgde het onderzoek van A tot Z, dacht mee over de onderzoeksopzet, stelde kritische vragen en gaf feedback op mijn teksten. Zij deelde mee in de vreugde bij successen en bij de moeilijke momenten kon ik op haar steun rekenen." 

Waarom promoveren?

"Vanuit het lectoraat ben ik eerst aan het onderzoek begonnen en op een gegeven moment stelde Joke Mintjes voor dat ik hier maar op moest gaan promoveren. Zij wist dat ik die ambitie wel had en het onderzoek leek zich ervoor te lenen. Promoveren is voor mij nooit een must geweest, maar ik wilde me wel bezig houden met beroepsontwikkeling door middel van onderzoek. Ik ben wel blij dat het een promotietraject is geworden, want dat gaf me de kans een aantal jaren heel intensief hiermee bezig te zijn. Ik heb er ook erg aan moeten wennen. Het is nogal een solistische bezigheid. Meerdere dagen per week zat ik in mijn eentje op mijn studeerkamer. Ik miste mijn collega´s, de studenten en de bedrijvigheid van het onderwijs. Maar alles went. Nu mijn proefschrift is afgerond, mis ik het juist om lekker alleen hele dagen me ergens grondig in te kunnen verdiepen."

En nu?

"Op 16 september mag ik mijn proefschrift verdedigen in het prachtige Academiegebouw in Utrecht. Ik promoveer aan de Universiteit voor Humanistiek. Op 10 juni had ik een proefpromotie bij de HAN, georganiseerd door Gerda Geerdink. Alle HAN-promovendi waren daarvoor uitgenodigd. Voor mij was het een mooie kans om te oefenen en als HAN-promovendi hebben we met elkaar besproken wat je kunt verwachten en hoe je je hierop kunt voorbereiden. Ik vind het heerlijk om bezig te zijn met onderzoek en ontwikkeling, om te bedenken hoe je vragen uit de praktijk kunt omzetten naar een onderzoeksplan en hoe onderzoek kan bijdragen aan het verbeteren van die praktijk en het beroepsonderwijs. Ik wil hier beslist in verder gaan. Niet alleen in het uitvoeren van onderzoek, maar ook het begeleiden daarvan."


Aantal reacties: 0