Over de verbinding van onderwijs en onderzoek
16 mei 2011
Beroepspraktijk vraagt om professionals
Het gaat erom wat de relevante buitenwereld belangrijk vindt; in de beroepspraktijk ligt de legitimering van onze prioriteiten. We moeten dus ook van die professionele praktijk weten welke actuele ontwikkelingen zich daar voordoen. Dat is natuurlijk geen sinecure. Een aantal kenmerken van die ontwikkelingen weten we wel:
- kennisintensivering en toename hoger opgeleiden (upgrading)
- de beroepspraktijk is steeds meer gestoeld op gevalideerde kennis en inzicht (evidence based practice)
- moderne professionals reflecteren - ook in dialoog met vakgenoten - op hun werkwijzen
- voortdurende innovatie
Kortom, de innoverende beroepspraktijk vraagt om professionals die kennis kunnen verwerven en op die kennis en de toepassing ervan kunnen reflecteren.
Kennisfunctie
Het zal er steeds meer om gaan dat de hogeschool een bijdrage levert aan de ontwikkeling van de professie en niet meer alleen opleidt voor de professie. Praktijkgericht onderzoek vervult daarbij een sleutelrol; het levert niet alleen een bijdrage aan de professie, maar is ook de voedingsbodem voor de opleiding. Dat is de niet meer weg te denken onderlinge verwevenheid, de verbinding van onderwijs en onderzoek. Goed onderzoek is de belangrijkste bouwsteen van professioneel onderwijs. Deze kennisfunctie hoort dé pijler te zijn van de moderne hogeschool.
Mensenwerk
We kunnen van de universiteiten leren dat je weliswaar door aparte instituutsvorming goed onder-zoek kunt faciliteren. Maar goede onderzoekers maken niet zomaar goede bacheloropleidingen. Daarom is het zaak de functies van docent en onderzoeker te koppelen. Uiteraard blijven onderzoek doen en onderwijs geven mensenwerk en bepaalt uiteindelijk de kwaliteit van de docent-onderzoeker het resultaat. Enkele belangrijke kenmerken van zo´n functionaris zijn:
- nieuwsgierig en kennisgericht
- onderzoeksvaardig en pedagogisch/didactisch competent
- een lerende en zichzelf ontwikkelende professional willen zijn
- passie voor de professie
Omslag in tien jaar
Het verkrijgen van alle nodige competenties voor de functie van docent/onderzoeker gaat niet van de ene op de andere dag. Allereerst zal de hogeschool de komende jaren bij het aantrekken van personeel het masterniveau als minimumeis moeten stellen om ervoor te zorgen dat betrokkenen voldoende onderzoekscompetenties bezitten. Tussen de 30 en 40 procent zal gepromoveerd moeten zijn om de kwaliteit van het verrichte onderzoek te garanderen. Elke taakomschrijving zal een verplicht deel permanente educatie moeten bevatten.
Dit lijkt misschien een enorme opgave. Toch kan het in tien jaren zijn gerealiseerd, deels door be-staande mogelijkheden voor docenten om een mastergraad te halen of te promoveren. Maar ui-teraard ook door natuurlijk verloop, waardoor een nieuwe generatie docent/onderzoeker kan worden aangesteld. De geschiedenis leert dat het kan; in de jaren zeventig hebben de universiteiten hetzelfde gedaan.
Bron
prof. Dr. Frans Leijnse

Aantal reacties: 0