Nieuwe propedeuse FEM: meer herkenbaarheid en binding, minder uitval
01 juni 2011
Irene Pel
Aan het woord Irene Pel, coördinator van de gemeenschappelijke propedeuse en nu coördinator Voorlichting & Aansluiting bij de FEM. Zij is nauw betrokken bij de ontwikkeling en uitvoering van de nieuwe propedeuses.
Gemeenschappelijke propedeuse onder de loep
Irene Pel: "Studiejaar 2009 – 2010 hebben we de gemeenschappelijke propedeuse (GP) onder de loep genomen. Reden daarvoor waren de resultaten van de diverse metingen bij de FEM, zoals een studenttevredenheidonderzoek, monitoring, exitonderzoeken en nabelacties onder de uitvallers.
Naar aanleiding van de onderzoeksresultaten verbaasden wij ons hoe groot de groep uitvallers eigenlijk was. De gehanteerde gemeenschappelijke propedeuse beschouwden wij als een unique selling point, waarmee studenten de mogelijkheid hadden om hun definitieve studiekeuze uit te stellen, oftewel met de mogelijkheid tot switchen dachten wij dat we studenten juist konden binnenhouden.
Aansluiting en herkenbaarheid met opleiding niet optimaal
Uit onderwijsevaluaties en diverse metingen kwamen een aantal belangrijke punten naar voren:
- In de GP herkenden studenten vaak niet hun gekozen opleiding
- De aansluiting met de vooropleiding was niet altijd optimaal
- Een groot deel, maar liefst 80%, van de studenten blijft bij hun eerste keuze. Degenen die wel switchten, deden dat meestal binnen het domein van hun eerste keuze
- Het rendement van de propedeuse was gedaald tot onder de 40%.
Op basis van deze gegevens heeft de curriculumcommissie A-cluster, waarin de coördinator propedeuse, domeinvertegenwoordigers en een onderwijsadviseur zijn vertegenwoordigd, een advies voorbereid voor het Management Team (MT). Dit advies is opgesteld in overleg met de Stuurgroep propedeuse, waarin de coördinator propedeuse en instituutsdirecteuren zijn vertegenwoordigd. De curriculumcommissie heeft vervolgens het MT 3 scenario´s voorgelegd voor een nieuwe inrichting van de propedeuse, met als uitgangspunten: het bevestigen van de gemaakte studiekeuze en switchen zonder studievertraging.
Domeinspecifieke propedeuse
Het MT heeft uiteindelijk gekozen voor een A-cluster dat domeinspecifiek wordt. Met andere woorden: de massaliteit van de propedeuse te verkleinen, maar de gemeenschappelijkheid te behouden binnen de domeinen.
Studenten herkennen zo beter de gekozen opleiding én hebben nog steeds de mogelijkheid om te switchen zonder studievertraging, mits zij binnen het domein blijven. Daarnaast wordt er meer aandacht besteed aan de oriënterende functie van de propedeuse, dus dat studenten inzicht krijgen in de inhoud en moeilijkheidsgraad van hun opleiding, in plaats van meerdere opleidingen, zoals in de oude GP. De beroepsoriëntatie is sterk aangezet, de studenten starten in het eerste jaar meteen met vakken die zijn toegespitst op het domein. Ook starten ze niet meer met een grote groepsopdracht, maar met individuele opdrachten. We merkten dat nieuwe studenten de behoefte hebben om eerst te acclimatiseren.
In het kader van aansluiting, kunnen studenten met een vwo-vooropleiding of mbo-studenten met een behaald RXH-doorstroomprogramma een halfjaar vrijstelling ontvangen in de nieuwe propedeuses.
Draagvlak creëren
Om ervoor te zorgen dat de nieuwe propedeuses door iedereen ´gedragen zou worden´, zijn ook alle docenten in meer of mindere mate betrokken geweest bij de ontwikkeling hiervan. Er zijn meerdere werkconferenties gehouden en ook is er per instituut een projectgroep geformeerd met onder ander docenten, die vanuit de gedachte van de nieuwe propedeuses, invulling hebben gegeven aan de vakken.
Gemeenschappelijke deler
We hebben wel een aantal basisvoorwaarden geformuleerd die, als een soort van gemeenschappelijke deler die voor de 3 verschillende propedeuses gelden. Studieloopbaanbegeleiding (slb) is daar een voorbeeld van. Voor alle nieuwe propedeuses geldt dat een slb´er ten minste voor 1 jaar, maar vaak ook gedurende de gehele opleiding, aan dezelfde student is gekoppeld, met uitzondering van switchers. Tevens is de slb´er ook een docent die les geeft aan de student, waardoor er meer contact is en het contact ook laagdrempelig is. Zowel groepsbijeenkomsten als individuele gesprekken voor het monitoren van studievoortgang, zijn onderdeel van het programma.
Gemotiveerde studenten
In het kader van voorkomen/verminderen van uitval en switchen wordt er nog meer aandacht geschonken aan voorlichting en een goede voorbereiding van de start van de studie. Hiervoor is een speciale afdeling Voorlichting & Aansluiting in ´t leven geroepen. Zij zijn actief met allerlei voorlichtingsactiviteiten waaronder proefstuderen en meeloopdagen. Ter aanvulling zijn er nu ook het motivatieformulier en de studiestartgesprekken. Alle aankomende studenten met een Mbo-vooropleiding moeten een motivatieformulier invullen. Aan de hand van dit formulier bepalen wij of de student zich goed heeft georiënteerd, voorbereid is en echt gemotiveerd is om aan een bepaalde studie te starten. Indien wij twijfel hebben, nodigen wij deze persoon uit voor een "vrijblijvend" studiestartgesprek. In zo´n gesprek vragen we nog eens na waarom ze voor een bepaalde studie hebben gekozen, hoe ze zich hebben georiënteerd en wat hun verwachting is. Op deze manier hebben we de mogelijkheid om ze die extra informatie te geven die ze misschien nog nodig hadden of om ze te laten inzien dat zich moeten heroriënteren.
Wat we aankomende studenten ook aanbieden is de workshop ´Kiezen met passie´. Deze workshop laat de student inzien of hij of zijn een studie om de juiste redenen kiest. We zien helaas nog regelmatig dat een student voor een bepaalde studie kiest alléén vanwege bijvoorbeeld het financiële plaatje na de studie.
Evalueren
Met de invoer van deze propedeuses verwachten we een verbetering in het rendement, een toename van de studenttevredenheid en dus dat de kracht van de propedeuse groter wordt. De nieuwe propedeuses zijn afgelopen februari van start gegaan. We hebben dus nog geen cijfers om te checken of deze verandering echt bijdraagt aan een rendementsverbetering en meer binding. Daar is het eigenlijk nog te vroeg voor. Wel worden deze propedeuses heel intensief geëvalueerd en horen we tot nu toe positieve geluiden van zowel studenten als docenten."
Meer weten?
Voor vragen of meer informatie, neem contact op met Irene Pel, Irene.Pel@han.nl

Aantal reacties: 0