Kwaliteit als intrinsieke waarde van de hele organisatie

18 januari 2012
René Frielink

Graag wil ik reageren op het interview over het kernthema ‘visie ’uit het Instellingsplan 2012-2016. www.han.nl/hanovatie/artikelen/instellingsplan-2012-2016-2/ .  

De HAN staat als open organisatie met beide benen in de maatschappij. De wereld wordt steeds kleiner en dienstverlening wordt “gepersonaliseerd” (Prahalad en Krishnan, 2008). Een grote hogeschool moet aantrekkelijk blijven en kan dat alleen door kwaliteit te bieden, waardoor studenten worden verleid, zij vervolgens succesvol zijn op de arbeidsmarkt en het beroepenveld graag zaken doet met ons.

De HAN heeft op een aantal gebieden een stevige positie. Het continu verbeteren van de sterke proposities en het uitbreiden naar belendende percelen leidt op termijn tot een meer robuuste, hogere kwaliteit voor de gehele HAN. De heersende hyperigheid in de samenleving past niet bij deze ontwikkeling en doet zelfs afbreuk aan de kwaliteitsambitie omdat zij leidt tot meer foutgevoeligheid. Dit betekent dat we ook nee moeten leren zeggen tegen bepaalde ontwikkelingen en vragen. ICT kan hierop aansluiten door dichter op onderzoek én onderwijs te kruipen en waar mogelijk maatwerk te leveren vanuit de opgedane kennis en ervaring. Binnen onderzoek wordt nu al ervaring opgedaan met deze kleinschaligheid. ICT gaat zich als schakel in de keten meer profileren als een pro-actieve dienstverlener.   Kwaliteit moet een intrinsieke waarde zijn van de hele organisatie en van alle medewerkers. De professionals van het primaire proces worden ondersteund door de professionals van het facilitaire proces en we zijn pas tevreden als de omgeving reclame voor ons maakt. De richting uit het nieuwe Instellingsplan is een logische doorontwikkeling die ook voor ICT herkenbaar is. Als professionele dienstverlener staat kwaliteit voorop; dat betekent dat ICT keuzes moet maken: welke specifieke kennis willen we in eigen huis houden, welke kunnen we beter inhuren omdat de markt daar beter in is.


Aantal reacties: 2

maandag 30 januari 2012 - 13:18Kristel Baele - College van Bestuur

Beste René,

Je kwaliteitspropositie is me uit het hart gegrepen. De doorontwikkeling naar een UAS vraagt een SU ICT als partner-in-onderzoek. Dat betekent goed in gesprek gaan met de onderzoekers (maar dat doe je al), producten en diensten verkennen die nieuw zijn omdat ze specifiek voor onderzoek gelden, een balans tussen standaardisering (zie ook de bijdrage van Esther van Popta) en maatwerk, en tussen bulkprocessen en kleinschaligheid. Het betekent ook leren omgaan met onderzoekbestanden en de daarbij horende, soms heel specifieke, wet- en regelgeving rond opslag, privacy, bewaartermijnen en ter beschikking stelling aan andere onderzoekers. Naarmate ons onderzoekvolume groeit – en die ambitie hebben we – worden dit type vraagstukken belangrijker. Lijkt me ook een interessant ontwik-kelpad voor de mensen in je afdeling. Elke dag hetzelfde is tenslotte ook saai...

Eén punt uit je betoog wil ik nog benadrukken. De HAN kiest er voor om sterk geworteld te zijn in de beroepspraktijk en in de regio. Jij noemt het ‘met beide benen in de maatschappij staan’. Die traditie zetten we versterkt verder in het nieuwe instellingsplan. Werkveld en regio worden een belangrijke pijler in de strategie. Verder gaan we een 10-tal onderzoekspeerpunten benoemen waarin we de ver-binding zoeken met externe nationale en internationale partners: bedrijven, instellingen, overheden.

Een effect daarvan is dat de formele organisatiegrenzen van de HAN steeds minder samenvallen met de feitelijke grenzen van activiteit. Bij sommige activiteiten en thema’s zijn we eigenlijk een deelver-zameling van onderzoeksnetwerken en publiekprivate samenwerkingen. HAN onderzoekers hebben vaak meerdere aanstellingen in meerdere organisaties, een aantal docenten combineren les geven met een eigen praktijk. Voeg daaraan toe dat elke student, nationaal en internationaal, ook het eigen digitale netwerk meebrengt en de vraagstukken voor je afdeling stapelen zich op. Iedereen wil toe-gang en verbinding, ‘seamless’ kunnen werken. Maar dat wordt onbetaalbaar en niet beheersbaar. Voor ICT betekent het elke dag keuzes maken. Tegelijk wil je intrinsiek meegaan met deze ontwikke-lingen. Interessante beleidsvraagstukken voor je afdeling, lijkt me.

Juist omdat onze organisatiegrenzen steeds ‘permeabeler’ worden hebben we ook behoefte aan een breed gedeelde en beleefde HAN-identiteit. Wie zijn we eigenlijk? Waartoe is deze instelling op aarde? En wat maakt ons anders dan andere hogescholen? Juist ook aan die laatste vraag – wat is eigenlijk ons profiel? – kan ICT mijns inziens een belangrijke bijdrage leveren.

woensdag 25 januari 2012 - 13:08Toon Griffioen - Directeur NDO

Ik ben het van harte eens met de focus op kwaliteit en de prioriteit van/voor kwaliteit boven kwantiteit (groei). Met betrekking tot kwaliteit zie ik, naast het hoog leggen van de lat, steeds meer de noodzaak om kwaliteit systematisch en systemisch te benaderen. Systematisch door kwaliteit te borgen onder andere door het hanteren van standaards en vooral gestandaardiseerde processen, systemisch door kwaliteitsaspecten met elkaar te verbinden en te zoeken naar samenhangende verbeteringen. Daarin is een hogeschool niet anders dan een autofabriek of een ziekenhuis.
Lees verder: www.han.nl/hanovatie/artikelen/reactie-op-instellingspla-1/