De kunst van het (cum laude) promoveren
17 mei 2011
Lia van Aalsum
Binnen de HAN werk ik bij Pabo Groenewoud van de Faculteit Educatie voor het project Onderwijs & spiritualiteit (in mei verschijnt een boek van mijn hand bij uitgeverij Eburon). Maar het proefschrift is een ander verhaal, zoals misschien ook wel blijkt uit de titel: Lied van de Eenheid. Een onderzoek naar de bijbelse intertekstualiteit van het spirituele geschrift Sjier haJichoed. Eerder al schreef ik daarover op deze plek. Maar nu dan over die cum laude.
Spiritualiteit
Laat ik beginnen te zeggen dat ik van niets wist. Zo hoort het eigenlijk ook, maar dat lukt niet altijd. Op een bepaald moment treedt het circus van manuscriptcommissie en promotiecommissie in werking. Zijn, bij uitzondering, de professoren van de manuscriptcommissie van mening dat het werk voor een cum laude in aanmerking komt, dan wordt er een cum laude commissie ingesteld die dat oordeel moet bevestigen. De feitelijke verdediging is vervolgens doorslaggevend. Er worden zelfs twee bullen gekalligrafeerd, één met en één zonder de cum laude vermelding.
Wel, het werd dus een bul ´met´. En ja, daar ben ik heel blij mee. Trots ook, dat ontken ik niet, maar vooral dankbaar. Want die extra kwaliteit die het werk blijkbaar in de ogen van de experts heeft, is het gevolg van allerlei factoren. Om te beginnen heb je een goed onderwerp nodig, en dat was voor mij dit middeleeuwse, joodse lied in Bijbels Hebreeuws. Vervolgens heb je een zinvolle onderzoeksvraag nodig, in combinatie met een waardevolle invalshoek. Die vond ik in het bestuderen van de betekenis van de honderden citaten uit de Tenach (de joodse Bijbel) in dit spirituele lied, vanuit het oogpunt van spiritualiteit.
Toewijding en doorzettingsvermogen
Maar gaandeweg word je, naast onderzoekskwesties van allerlei aard, geconfronteerd met andersoortige vragen. Een dergelijk onderzoekstraject doet namelijk een enorm beroep op je eigen toewijding en doorzettingsvermogen. Ben je overtuigd van de zinvolheid van je onderzoek, voor zowel de wetenschap als jezelf? Kun je, soms pijnlijke, keuzes maken in je tijdsbesteding en je daar ook aan houden? Ben je eigenlijk wel echt leergierig of ben je op een kortzichtige manier eigenwijs? En je intelligentie, kun je deze materie aan, word je gestimuleerd of raak je geblokkeerd? Hoe staat het trouwens met de steun van je directe omgeving? Kunnen zij er tegen dat weekenduren en vakantiedagen jarenlang aan het onderzoek gespendeerd worden? Kortom, op allerlei fronten moet je een enorme discipline ontwikkelen en hopen op medewerking.
Begeleiding en zelfstandigheid
Van groot belang is de begeleiding. Ik had geluk. De copromotor, de bijbelse exegeet Erik Eynikel, heeft mij jarenlang trouw ondersteund met het nakijken van mijn stukken. De hoofdpromotor, Kees Waaijman, nu emeritus hoogleraar Spiritualiteit, heeft mij vanaf het begin begeleid op een wijze die op allerlei vlakken vormend was. Om te beginnen zei hij toe mijn begeleider te willen zijn, ook al startte ik als buitenpromovenda. Hij had vertrouwen in het onderzoek en in mij. Vervolgens volgde hij met veel interesse en goede adviezen mijn experimenten van het eerste jaar. In de jaren daarna waren er gesprekken om op koers te blijven. Niet alleen ging het dan om het concrete onderzoek, maar ook om achterliggende verbanden en thema´s.
Heel belangrijk was dat ik leerde inzichten van andere wetenschappers op waarde te schatten, terwijl ik tegelijkertijd leerde vertrouwen op mijn eigen kennis en intuïties. Een half jaar studie in Jeruzalem heeft daar zeker toe bijgedragen. Daarbij ging dit werken met deze bijzondere tekst ook mijzelf steeds meer scholen. Dit komt vaker voor bij kwalitatief onderzoek. Voor buitenstaanders is het alsof de onderzoeker de touwtjes in handen heeft. In werkelijkheid ontwikkelt het centrale onderzoeksobject zich tot sturende factor. In het begin denkt de onderzoeker dat hij de materie zal overmeesteren, maar gaandeweg wordt hij de leerling van het onderzoeksobject. Zeker in het geval van deze middeleeuwse tekst met spirituele, theologische en filosofische noties, werd dit een belangrijk gegeven.
Een cum laude. Het lijkt alsof het mijn verdienste is. Maar in werkelijkheid is het de vrucht van veel factoren. Het is zoals in de wereld van de kunsten en van de topsport: je werkt hard en consistent, om gaandeweg gevormd te worden door de dynamiek die in het werk besloten ligt."
Meer informatie
Dit proefschrift wordt binnen het internationale, wetenschappelijke spiritualiteitonderzoek gepresenteerd via een artikel in Studies in Spirituality, 2011, uitgeverij Peeters te Leuven. Op de Radboud Universiteit heeft Lia van Aalsum in de afgelopen maanden een reeks gastcolleges verzorgd over haar onderzoek, voor masterstudenten van Religiewetenschappen.
Contact Lia van Aalsum, via Lia.vanAalsum@han.nl

Aantal reacties: 0