19 september 2011
Voor de ene minor zit je de hele dag met je neus in de boeken, terwijl je voor een andere de meest spannende dingen mag ondernemen. De minor ‘Wind Energy Project Management’ behoort tot die laatste categorie.
Klauteren in Terneuzen
Honderden meters touw, zwetende studenten en een windmolen van 60 meter hoog. De Engelstalige minor ‘Wind Energy Project Management’ bevat regelmatig activiteiten zoals de beklimming van een windmolen in Terneuzen. 30 studenten, bijna allemaal met een technische opleiding, zijn in september aan deze minor begonnen.
Te weinig economen
Coördinator Roy Peters van Built Environment is blij met deze animo, maar zou liever iets meer FEM-studenten bij de groep gezien hebben, omdat economie en management belangrijke onderdelen zijn. Er zijn colleges over het ontwerpen, uitvoeren en beheren van windmolens, maar ook over het commerciële aspect binnen deze bedrijfstak. ‘Deze minor draait om het verleggen van grenzen’, vindt Peters. Hij wil dat studenten dit project nooit meer vergeten en denkt dat de activiteiten hieraan bijdragen.
Hoogtevrees
Een goed voorbeeld hiervan is een student met hoogtevrees die ondanks zijn angst de klimcursus, die voorafging aan de klim in Terneuzen, gehaald heeft. De redenen om deel te nemen aan deze minor verschillen per student. Zo geeft Teun aan de vele excursies erg te waarderen, terwijl de Canadees Eddy zijn interesse voor windenergie en de ruime werkgelegenheid in de sector als redenen heeft.